Zondag 30 april 2017: Vancouver Downtown, Vancouver Lookout, het Museum of Anthropology (MOA) en Granville Island

Door Fer & Anja, USA 2020 - A couple of years ago

Zo nat als het gisteren, zo veelbelovend zonnig ziet deze dag er uit. Het is buitengewoon helder. Ook vandaag om zes uur wakker en vooraf aan het wederom voedzame ontbijt bij Joe eerst een wandelingetje met Harm downtown.

Na het ontbijt lopen we richting Canada Place en Waterfront Station. Canada Place, het voormalige Canadese paviljoen van de Expo ’86, een ontwerp van de architect Eberhard Zeidler, heeft de aanblik van de zeeboulevard veranderd. Met zijn met teflon bedekte ‘zeilen’ van glasvezel, die de oceaanwind als het ware opvangen, lijkt dit immense complex op een vloot zeilschepen die in de Burrard Inlet voor anker liggen. Het biedt onderdak aan allerlei voorzieningen (hotel, kantoren, parkeergarage, congrescentrum, bezoekerscentrum) en heeft op de derde verdieping een fraaie promenade in de openlucht, die zicht biedt op de markante monumenten van de stad en het scheepvaartverkeer.

Het is dan nog een klein stukje naar de Harbour Centre Tower ofwel de Vancouver Lookout. Een glazen lift brengt ons in no time naar de top van dit 167 m hoge gebouw. En het is helder, wat maakt dat we een schitterend uitzicht in de rondte hebben op de haven, de stad en de omgeving. In een oogopslag zie je de kaden en al het scheepvaartverkeer, de Burrard Inlet en de besneeuwde toppen van de bergen aan de noordkant van de baai; in het zuiden liggen de woonwijken en de delta van de Fraser River. In de diepte lopen de verkeersaders en verrijzen de markante hoge gebouwen van het centrum.

We schaffen ons een dagkaart voor het openbaar vervoer aan. Voor $ 9 reis je een hele dag heel Vancouver rond. Met metro en bus gaan we naar het UBC Museum of Anthropology (MOA) op de campus van de University of British Columbia. Toch nog zo’n 45 minuten onderweg, maar zonder meer de moeite waard. Het MOA ligt op een schitterende plek bij Grey Point, op de punt van het schiereiland, met uitzicht op de Straat van Georgia en de bergen op Vancouver Island. Het MOA bezit een beroemde collectie kunst van inheemse volken van de noordwestkust van Canada. Het museum kreeg in 1976 een fraai onderkomen van glas en beton, een ontwerp van de Canadese architect Arthur Erickson. De ingang bestaat uit twee deuren van rood cederhout met houtsnijwerk van ‘Ksan-kunstenaars, dat de geschiedenis van de First Nations in de Skeena Valley verbeeldt. De Ramp-zaal, waar beelden staan van de Salish-indianen uit de regio Vancouver, leidt naar de Great Hall, een schitterend wijd uitlopend, licht vertrek met een 15 m hoge glazen wand waardoor de prachtige totempalen een geheel vormen met het fraaie park buiten. Deze palen, vervaardigd door Haida- of Kwakwaka’wakw-indianen, dateren voor het merendeel uit de tweede helft van de 19de eeuw. In de ronde zaal staat het topstuk van het museum, een monumentaal beeld van geel cederhout van de bekende Haida-beeldhouwer Bill Reid. Het heet ‘Raven and the First Men’ en stelt een reusachtige raaf voor, die op een schelp zit waar menselijke figuurtjes uit tevoorschijn komen. Het symboliseert de geschiedenis van de schepping van de mensheid.

Buiten het museum staan twee Haida huizen, die ook vanuit de Grote Zaal zichtbaar zijn: het grootste was een woonhuis voor een gezin, in het andere werden de doden opgebaard. Het zijn reproducties op ware grootte van 19de eeuwse huizen die wel meer dan 12 m breed konden zijn. Ze werden tussen 1958 en 1962 door Bill Reid gemaakt volgens de principes van de Haida bouwtechniek: zo is het dak gemaakt van handmatig gehakte planken van cederhout die met pen-en-gatverbindingen zijn bevestigd. De totempalen naast de ingang en de met rood, zwart en wit beschilderde palen voor de huizen symboliseren de verschillende stammen.

Na het museumbezoek besluiten we de dag op Granville Island waar we de inwendige mens versterken met een maaltijd en wat alcoholische versnaperingen (uit de lokale brouwerij van Granville Island). Het eiland bestond oorspronkelijk uit moeras dat in 1917 werd drooggelegd en werd gebruikt als locatie voor een metaalbedrijf en scheepswerven. In de jaren zestig was het een braakliggend terrein en vuilstort en dat had zo kunnen blijven als de overheid in 1972 het terrein niet had veranderd in een ambitieus compact mengsel van zakenwijk, woonwijk en bedrijventerrein. Het voormalige industrieterrein onder de brug is gerenoveerd en behalve een paar overgebleven fabrieken zijn er nu vooral restaurants, galeries, winkels, theaters en hotels te vinden. Er zijn ook veel kunstnijverheidsateliers. De ‘Public Market’ is de hoofdattractie van Granville. Naast verse levensmiddelen zijn er kraampjes met ambachtelijke producten van verschillende etnische groepen die in Vancouver leven. In het weekeinde gaat half Vancouver naar het eiland om eten te kopen op de prachtige overdekte markt, een cappuccino te nemen, mensen te kijken, buiten te lunchen, langs de winkels en werven te wandelen en in de zon naar de talrijke straatartiesten te kijken.

 

 

Reacties

George en Ieteke A couple of years ago

Hoi alledrie,

Wat een ontzettend mooie foto's! We hebben ze allemaal bekeken.
Vooral de uitzichten, de uil en de spoorwegen vonden we erg mooi :)

Alleen...we hebben nog camper nog niet te zien. George vraagt zich af of jullie die al hebben opgehaald.

Hartelijke groet uit Ede!!
Je kunt alleen reageren op dit bericht als je bent ingelogd.
Meld je nu gratis aan voor ons webinar over Zuidwest-Amerika.
Klik voor meer info!
Meld je nu gratis aan voor ons webinar over West-Canada.
Klik voor meer info!