De Amerikaanse Verkiezingen: Biden versus Trump

door Maurits van den Toorn vr 6 mrt. 2020 10:39

Helemaal zeker weet je ’t natuurlijk nooit, maar na Super Tuesday is de kans wel heel groot dat de Democraat Joe Biden in november tegenover de Republikeinse president Donald Trump staat. De meeste andere Democratische kandidaten zijn weggevaagd, bovenal miljardair Michael Bloomberg: hij kwam, zag en verdween.

Joe Biden Donald Trump

Nog genoeg binnen te halen...

Strikt genomen is Biden niet echt dé winnaar, al heeft hij in tien van de veertien staten gewonnen en daarmee nu 595 afgevaardigden die hem op de Democratisch conventie zullen steunen. Bernie Sanders zit namelijk nog steeds in de buurt. Weliswaar won hij in ‘slechts’ vier staten, maar daar zat wel Californië bij, dat 415 afgevaardigden heeft; in totaal heeft hij er nu 528. In totaal zijn er 3.979 Democratische afgevaardigden; wie er 1990 weet te krijgen heeft de nominatie op zak. Er is dus voor de kandidaten nog behoorlijk wat binnen te halen.

De handoek in de ring

De overige Democratische kandidaten spelen geen rol meer. Warren verloor – pijnlijk! – zelfs in haar thuisstaat Massachusetts van Biden én Sanders en heeft de handdoek in de ring gegooid. Pete Buttigieg (in februari nog de verrassende winnaar van de caucus in Iowa) en Amy Klobuchar deden dat al eerder, heel strategisch kort vóór Super Tuesday en adviseerden hun aanhangers voortaan Biden te steunen.

Niet alles is te koop

Michael Bloomberg maakte in de paar debatten waar hij aan heeft meegedaan geen indruk (of zelfs een slechte) en wist met de honderden miljoenen die hij in zijn campagne had gestoken geen deuk in een pakje boter te slaan. Recht voor z’n raap gezegd: een afgang. Nou ja, hij won op Samoa, met maar liefst 175 kiezers. We kunnen er de hoop uit putten dat alleen geld toch niet voldoende is om verkiezingen te winnen of, beter gezegd, te kopen. Elementen als persoonlijkheid, charisma en overtuigingskracht zijn ingrediënten die gelukkig nog steeds onmisbaar zijn.

Biden herpakt zich

Maar Biden is om meer dan een reden toch echt wel de grote winnaar. Ga maar na: eigenlijk werd hij amper nog serieus genomen na het slechte begin in Iowa, waar hij nota bene op de vierde plaats eindigde. Analisten en commentatoren voorzagen een spoedig einde van zijn campagne. Maar toen kwam het succes in South Carolina en nu dus in nog eens tien staten. De gematigde concurrentie bij de Democraten heeft het veld geruimd, met het uitdrukkelijke advies om op Biden te stemmen, en Bloomberg heeft zelfs aangekondigd hem voortaan financieel te zullen ondersteunen. Dat laatste is misschien nog wel belangrijker.

Bernie Sanders

En Sanders dan? Ik zie het hem niet worden, niet zozeer vanwege de nu al opgelopen achterstand, maar simpelweg omdat zijn electoraat veel kleiner is. Sanders moet het hebben van jonge en hoogopgeleide blanke (of witte) Amerikanen. Daarmee scoort hij goed in steden en regio’s met universiteiten en in een staat als Californië. Maar voor de veel grotere en veelal lager opgeleide middenklasse is Sanders veel te links. Ook African Americans moeten niet veel van hem hebben. Een groot deel van het electoraat, niet alleen in de Verenigde Staten maar overal, wil helemaal niet zoveel verandering maar kiest voor zekerheid. Niet voor niets had de Duitse Bondskanselier Adenauer in de jaren vijftig de verkiezingsslogan Keine Experimente!.

De vraag is hoe lang Sanders in de race blijft; hij bleek in 2016 verrassend koppig en dat zal nu niet anders zijn. Mogelijk doet hij dat in de hoop op een open convention, een conventie waar niet al van tevoren vaststaat wie de kandidaat wordt. Oorspronkelijk waren conventies daar ook voor, met vaak vele stemrondes (op de democratische conventie in 1924 waren er 103 rondes nodig om tot een kandidaat te komen). Het is voor het laatst voorgekomen in 1952, sindsdien is er al ruimschoots van tevoren duidelijkheid.

Meld je nu gratis aan voor ons webinar over Zuidwest-Amerika.
Klik voor meer info!
Meld je nu gratis aan voor ons webinar over West-Canada.
Klik voor meer info!