1774: Québec Act

De ‘Nieuwe Wereld’ van Noord-Amerika trekt in de achttiende eeuw vele goud- en gelukszoekers uit Europa. Strijd om land en handel tussen diverse Europese nationaliteiten is vanaf de komst van de eerste kolonisten aan de orde van de dag. In Canada zijn het vooral de Britten en Fransen die tegen elkaar strijden. Wanneer de provincie Québec officieel in handen van de Britten valt, krijgt de Engelse regering te maken met het probleem van multiculturaliteit. De Québec Act van 1774 wordt uiteindelijk ingesteld om de Frans-Canadezen in het gebied tegemoet te komen.

Voorgeschiedenis

De toe-eigening van grondgebied in het ‘Nieuwe Land’ zorgt vanaf begin achttiende eeuw voor veel spanningen en strijd tussen grootmachten Engeland en Frankrijk. Er zijn continu schermutselingen om land en handel en hoewel het Verdrag van Utrecht de vrede in 1713 moet herstellen, blijft het niet lang rustig tussen Engeland en Frankrijk. Nog vóór de aanvang van de Zevenjarige Oorlog in Europa, die zou duren van 1756 tot 1763, breken er opnieuw gevechten uit op Canadees grondgebied.

Engeland stuurt in 1754 meerdere expedities naar het Franse Fort Duquesne in de Ohio River-vallei, met als doel het in te nemen. De pogingen tot een onderwerping van de Fransen mislukken, maar ze zetten wel de toon voor verdere onrust. Deze onrust komt in 1755 tot een climax wanneer Fransen die in de Franse kolonie Acadia wonen, weigeren trouw te zweren aan de Engelse koning. Ze worden hierop gevangengenomen en per schip onder dwang naar Engels kolonies in het Zuiden vervoerd. Hoewel de laatste strijd om het nieuwe continent in feite al met deze voorvallen aanvangt, wordt het begin van de Zevenjarige Oorlog door Europeanen over het algemeen als het werkelijke begin gezien.

Terwijl er in Europa ondertussen op grote schaal een oorlog gevoerd wordt, hernieuwen ook de Engelse en Franse kolonisten in Noord-Amerika hun gevechten. De Engelsen proberen Nieuw-Frankrijk en in het bijzonder middelpunt Québec in bezit te krijgen. In 1758 neemt het Britse leger Louisbourg in en is de route naar Québec geopend. Een jaar na de val van Louisbourg arriveert de Britse generaal James Wolfe met 9.000 manschappen in Québec City en begint de aanval op de hoofdstad van Nieuw-Frankrijk.

Na maanden van vruchteloze pogingen van het Britse leger, weet Wolfe met een verrassingsaanval de stad in te nemen. Montréal, door dit verlies afgesneden van alle mogelijke Franse hulp, valt ook al snel in Britse handen. Wanneer de Zevenjarige Oorlog uiteindelijk met het Verdrag van Parijs in 1763 tot een einde komt, is bijna het gehele oosten van Noord-Amerika in handen van de Britten. In het vredesverdrag wordt besloten dat Nieuw-Frankrijk officieel aan de Britten zal worden overgedragen. Alle Canadezen die ervoor kiezen er te blijven wonen, worden daarmee automatisch Britse onderdanen. Van hen wordt bovendien verwacht dat ze, indien ze een publieke functie willen bekleden, trouw zweren aan de Britse koning. In deze eed neemt de verwerping van het katholieke geloof een belangrijke rol in, waardoor veel Frans-Canadezen, die grotendeels katholiek zijn, deze weigeren af te leggen.

James Wolfe

Groeiende onrust

Door de officiële Britse overname en de nadelige gevolgen voor de Franse Canadezen, groeit de onrust onder de bevolkingsgroep sterk. Hetzelfde is het geval onder Britse kolonisten in Amerikaanse gebieden. Ook zij zijn ontevreden over de Engelse overheersers en de gevoerde politiek. Hoewel deze onrust in Amerika leidt tot de Amerikaanse Revolutie (Onafhankelijkheidsoorlog), weten de Britten de onrust in Canada in de kiem te smoren. De provincie Québec bestaat door een slechte immigratiestroom nog voor bijna honderd procent uit Frans-Canadezen en de Britten hebben er dan ook alle belang bij de loyaliteit van de inwoners te behouden. Ze vrezen, dat als ze niets doen, de Fransen zich weleens bij de rebellerende groepen in Amerika aan zouden kunnen sluiten.

De Britse gouverneurs James Murray en Guy Carleton zetten zich met dit idee in het achterhoofd in voor verandering in de Brits-Canadese kolonie. Er wordt naar een oplossing gezocht die aan zowel de verzoeken van Franse en Britse onderdanen weet te voldoen. De Québec Act die in 1774 door het Engelse parlement wordt goedgekeurd, moet een einde maken aan de onrust en het vertrouwen van de Frans-Canadezen herwinnen.

Quebec Act

De Québec Act en de oorlog

De Québec Act kan worden gezien als de eerste belangrijke mijlpaal in de wetgeving van Brits-Canada en bovendien als een van de eerste wetten die met multiculturaliteit van doen heeft. De Québec Act die in 1774 wordt aangesteld door het Britse parlement stelt een vaste regering in, de katholieke kerk wordt erkend en de Franse wetgeving wordt bovendien geherintroduceerd met betrekking tot dagelijkse handelingen en situaties van Frans-Canadezen. Deze grote gebaren van de Britse overheid weten het respect van zowel religieuze leiders als inwoners van Québec grotendeels te herwinnen.

Slechts een jaar later blijkt dat de zorgen van Engeland over de in opstand komende Fransen terecht zijn geweest en dat ze precies op tijd hebben ingegrepen. De dertien rebellerende Amerikaanse kolonies voeren in 1775 hun eerste grote militaire actie uit door hun net opgerichte Continentale Leger richting het ‘veertiende continent’ Canada te sturen. Het doel van de actie is het verkrijgen van controle over het Britse Québec en de rebellen hopen verder de Frans-Canadezen aan hun zijde te kunnen scharen. De hernieuwde toewijding van de Frans-Canadezen aan de Britse kroon wordt daarmee flink op de proef gesteld, maar uiteindelijk bieden ze verzet tegen de rebellen uit het buurland. Ondanks een grootschalige inval van twee kanten weten de Frans-Canadezen Québec te behouden in de Slag om Québec in 1775. Dit zou de eerste en meteen ook de laatste slag in Canada zijn gedurende de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog.

1763: Verdrag van Parijs1778: Kapitein James Cook