1914-1918: Canada tijdens de Eerste Wereldoorlog

In Flanders Fields

In de zomer van 1914 breekt de Eerste Wereldoorlog uit op het Europese vasteland. Het nog gedeeltelijk van Groot-Brittannië afhankelijke Canada raakt erbij betrokken als Groot-Brittannië de oorlog aan Duitsland verklaart. Duizenden Canadese soldaten vertrekken vrijwillig naar de fronten. De strijd duurt voort, maar het enthousiasme daalt. In 1918 komt de Eerste Wereldoorlog ten einde. Het gaat de geschiedenis in als ‘the Great War’ en heeft ruim 10 miljoen soldaten het leven gekost.

Flanders Field

Aanleiding

Het is ‘de gouden zomer van 1914’. Het gaat Canada voor de wind; de industrie groeit en het platteland bloeit. Het land bouwt aan de toekomst van een zelfstandige natie. Overal heerst optimisme. Tegelijkertijd gaat het in Europa minder goed. Er zijn spanningen. Frankrijk sluit een bondgenootschap met Rusland en Groot-Brittannië. Duitsland doet dat hetzelfde met Oostenrijk-Hongarije en Italië. Wanneer op 28 juni 1914 de Oostenrijkse troonopvolger Frans Ferdinand wordt doodgeschoten door de Boschnisch-Servische Gavrilo Princip, is dat de druppel die de emmer doet overlopen.

Oostenrijk-Hongarije stelt Servië een ultimatum en eist dat het de schuld op zich neemt en de moordzaak uitzoekt. Beide landen bereiken er geen overeenstemming over en zijn vanaf dan in oorlog. Rusland steunt Servië en mobiliseert een leger, waarna Duitsland Rusland de oorlog verklaart. Frankrijk, als bondgenoot van de Russen, ziet zich genoodzaakt eveneens een leger te mobiliseren, waarna Duitsland Frankrijk een oorlogsverklaring stuurt. Groot-Brittannië stoomt nu ook haar troepen klaar. Omdat Canada op dat moment slechts gedeeltelijk onafhankelijk is van de Britten, raakt het eveneens bij de strijd betrokken. Het heeft tenslotte nog geen zeggenschap over het eigen buitenlandbeleid. Op 18 augustus 1914 vindt een spoedberaad plaats in Ottawa en wordt besloten welke stappen genomen moeten worden nu er sprake is van oorlog.

Frans Ferdinand wordt doodgeschoten

Rekrutering

Canada is niet voorbereid op een oorlog en moet een leger bij elkaar brengen dat uit vrijwilligers zal bestaan. Via posters en toespraken worden mannen opgeroepen om te vechten voor de koning en het vaderland. 159.000 mannen - voornamelijk Engelstaligen - schrijven zich in. De eerste vrijwilligers worden klaargestoomd in het Canadese Valcartier. In Engeland volgt de loodzware en ijskoude tweede trainingssessie, ditmaal onder Britse leiding. De Britse bevolking onthaalt de Canadese soldaten met groot enthousiasme.

Het verloop van de oorlog

De eerste opgeleide Canadese soldaten worden in Britse formaties opgenomen en komen begin 1915 aan in het Franse St. Nazaire. Ze trekken noordwaarts richting het Belgische Ieper. Ieper is op dat moment onderdeel van wat later de ‘loopgravenoorlog’ zou gaan heten. Wanneer de Duitsers tijdens hun opmars naar Parijs tot stilstand worden gedwongen door de geallieerden, graven beide partijen zich in loopgraven in. De Canadese soldaten sluiten zich aan bij de Britten. Daar wacht hen een leven in de frontlinie dat door slecht eten, bittere kou, slaaptekort, handgranaten en gifgasaanvallen een ware hel zal worden.

Aanvankelijk vechten de Canadezen onder aanvoering van de Britten, later werken er eenheden onder het bevel van eigen officieren. Het grootste succes van de Canadezen als onafhankelijke strijders wordt geboekt bij de slag om Vimy. Van 9 april tot 12 april 1917 strijden ze om Vimy Ridge, de heuvels die het belangrijke industriegebied rond het Franse Lille beschermen. Franse en Britse troepen hebben geprobeerd de Duitse bezetting aldaar te doorbreken, maar tevergeefs. Een goed uitgedacht plan van de Canadese luitenant-generaal Sir Julian Byng helpt de Canadese troepen om de Duitsers terug te dringen. Vimy gaat de Canadese geschiedenis in als het symbool van de Eerste Wereldoorlog en wakkert een ultiem gevoel van nationalisme aan. Waar de Engelsen en Fransen hadden gefaald, zijn de Canadezen succesvol. Het vormt een lichtpuntje in de donkere dagen van 1917, die er slecht uitzagen voor de geallieerden.

De oorlog duurt voort, kost vele mensenlevens en levert vrijwel niets op. Omdat beide partijen zich in duizenden kilometers aan loopgraven hebben gevestigd, is er geen enkele doorbraak mogelijk. In Canada tempert het oorlogsenthousiasme. Het aantal vrijwilligers dat de oceaan over wil steken neemt af. De regering ziet zich daarom genoodzaakt om in 1917 de dienstplicht in te voeren. Tegelijkertijd voert ze de inkomstenbelasting op, zodat de oorlog gefinancierd kan worden.

Soldaten in loopgraaf

In Flanders Fields

De Canadese luitenant-kolonel John McCrae schrijft tijdens de loopgravenoorlog het beroemde gedicht ‘In Flanders Fields’, waarin hij beschrijft hoe het aanvankelijke enthousiasme leidde tot de mensonterende en onbeschrijfelijke ellende in de loopgraven: We are the dead. Short days ago
We lived, felt dawn, saw the sunset glow,
Loved and were loved, and now we lie,
in Flanders Fields.

Einde van de oorlog

Duitsland kondigt in 1917 een onbeperkte duikbotenoorlog af, wat inhoudt dat ze alle schepen die ze tegenkomen aan zullen vallen. Dat geldt dus ook voor vracht- en passagiersschepen en schepen van landen die niet deelnemen aan de oorlog. Voor de Verenigde Staten is dit (samen met het Zimmermann-telegram) de druppel: zij verklaren Duitsland de oorlog en schieten de noodlijdende Britten, Russen, Canadezen en Fransen te hulp. De frisse moed en gemotiveerde soldaten geven de doorslag: met behulp van de Amerikaanse troepen weten de geallieerden het Duitse leger terug te dringen. Ook Duitsland is oorlogsmoe, het leger is uitgeput en het geld is op. De oorlog komt officieel ten einde wanneer de Duitse regering op 11 november 1918 de wapenstilstand tekent. De geallieerden hebben gewonnen.

Gevolgen

Tijdens de Eerste Wereldoorlog sneuvelen ruim tien miljoen soldaten, onder wie ruim 60.000 Canadezen. Minstens het dubbele aantal raakt gewond of zwaar getraumatiseerd. Waar het Canada voor de wind ging voor de oorlog, gaat het er na 1918 een stuk minder florissant aan toe. Er heersen grote gevoelens van ontevredenheid. Bijvoorbeeld onder vrouwen. Zij hebben tijdens de oorlog gemerkt dat zij hetzelfde werk kunnen doen als mannen en willen daarom dezelfde rechten. Ze gaan de straat op en weten zelfstandig stemrecht af te dwingen in 1918.

De teruggekeerde soldaten brengen de Spaanse Griep mee en veroorzaken een sterftegolf van 50.000 mensen in 1919. De werkgelegenheid is gekelderd en er is geen plek meer voor de teruggekeerde soldaten. Zij zijn bovendien niet bereid om weer aan het werk te gaan onder dezelfde condities als voor de oorlog. Er ontstaan protesten, aangevoerd door de One Big Union, om de werkomgeving te verbeteren. De vakbondsbeweging groeit in razend tempo. Meerdere malen leiden de protesten tot geweld tussen de deelnemende arbeiders en de autoriteiten. In het westen van Canada ontstaan juist partijen die meer aandacht willen voor de landbouw. Zij vormen samen de Progressieve Partij van Canada. Langzaam vindt er een politieke verschuiving plaats.

Toch had de oorlog ook een positieve zijde - als je het zo noemen mag: het vechten voor volk en vaderland heeft een gevoel van nationalisme aangewakkerd. Canada mocht als zelfstandige eenheid vechten en kreeg iets voor elkaar wat de Fransen en Engelsen niet konden. De oorlog hielp Canada een eigen identiteit te creëren. Meer dan ooit is er een gevoel van verbondenheid. Dat zal opnieuw blijken met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

Militaire begraafplaats
1898: Gold rush in Yukon (Klondike gold rush)1917: Halifax Explosion