1982: Canada Act (Canadese grondwet)

Met de Canada Act werd in 1982 een einde gemaakt aan de Britse controle over de besluiten van het Canadese parlement. Het initiatief voor de Canada Act kwam van minister-president Pierre Trudeau. In de Act staat dat het Canadese parlement zelfstandig grondwetwijzigingen mag doorvoeren. Koningin Elizabeth ondertekende de Canada Act tijdens een bezoek op 17 april 1982 in Ottawa. De Constitution Act 1982, waarin de rechten van de Canadese burger zijn opgenomen, maakt deel uit van de Canada Act.

Britse invloed

Voor 1 juli 1867 bestond het huidige Canada uit Britse en Franse koloniën. In de jaren voorafgaand aan 1867 groeide er onvrede bij de bewoners van de koloniën. Ze wilden onafhankelijk zijn en zelf hun wetten op kunnen stellen. Om dit te bereiken werkten de provincies Prince Edward Island, Nova Scotia en New Brunswick aan een hechte band zodat ze, indien nodig, samen tegen de Britse overheersers konden strijden. Terwijl de koloniën plannen maakten voor een federatie tussen de koloniën, sloot ook de provincie Newfoundland aan. De plannen werden eind 1866 met Engeland besproken en goed bevonden, waarna het parlement in Londen de British North America Act aannam in het voorjaar van 1867. In de Act, die op 1 juli van dat jaar van kracht werd, stond dat de provincie Canada (bestaand uit Ontario en Québec) samen met New Brunswick en Nova Scottia het dominion (gebied / heerschappij) Canada zouden vormen. Dit dominion werd hierbij gedeeltelijk onafhankelijk. De provincies Prince Edward Island en Newfoundland besloten op dat moment toch geen deel uit te willen maken van de federatie, maar traden later (in respectievelijk 1873 en 1949) alsnog toe. Tussen 1870 en 1905 werden ook de provincies Manitoba, British Columbia, Saskatchewan en Alberta toegevoegd aan het dominion.

Als gevolg van de British North America Act werd Canada na 1 juli 1967 gezien als een heerschappij binnen het Britse Rijk. Hoewel Canada officieel gedeeltelijk onafhankelijk was, had de Britse regering nog steeds de macht om de Canadese grondwet aan te passen. Dit veranderde in 1931 met het Statuut van Westminster. In dit statuut stond dat de Britse dominions Australië, Canada, Ierland, Nieuw-Zeeland, Newfoundland en Zuid-Afrika onafhankelijk werden verklaard, tenzij deze landen zelf van af wilden zien. Canada werd hiermee onafhankelijk, maar verzocht de Britse regering een oogje in het zeil te houden. Het Canadese parlement kon het namelijk niet eens worden over de procedures waarmee grondwetwijzigingen van kracht konden worden gemaakt. Er moest namelijk een methode voor wijzigingen worden bedacht waarin alle provincies zich zouden kunnen vinden. Vooral Québec was het aanhoudend oneens met de werkwijzen die werden aangedragen. Als gevolg hiervan behield de Britse regering de macht om grondwetswijzigingen af te wijzen.

In 1949 werd een hernieuwde versie van de British North America Act aangenomen. Deze Act, die goedgekeurd moest worden door het Britse parlement, gaf het Canadese parlement meer bevoegdheid bij beslissingen. Toch zou het Britse parlement nog tot 1982 het laatste woord hebben als het om grondwetswijzigingen ging. Minister-president Pierre Trudeau nam aan het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw het initiatief om de grondwet zo aan te passen dat de volledige onafhankelijkheid van Canada erin opgenomen zou zijn. Hiermee zou een einde worden gemaakt aan de request and consent -bepaling uit het Statuut van Westminster (wat inhield dat het Britse parlement de bevoegdheid had om wetten uit te breiden en daar niet de toestemming van het Canadese parlement voor nodig had) en zou het Canadese parlement alle grondwetswijzigingen zelfstandig door mogen voeren.

Act of Union

Inhoud van de Act

Een belangrijk onderdeel van de Canada Act is de Charter of Rights and Freedoms. In dit handvest staan 34 rechten die de Canadese inwoners hebben, variërend van vrijheid van godsdienst tot het recht op onderwijs. Veel van deze rechten kunnen aangepast worden dankzij een notwithstanding clause, wat inhoudt dat zowel het Canadese parlement als de besturen van de provincies rechten kunnen wijzigen. De Charter of Rights and Freedoms moet iedere vijf jaar opnieuw worden vastgelegd. Hierdoor raken de rechten niet volledig in de grondwet verankerd, zoals dat bij de Bill of Rights in de Amerikaanse grondwet wel het geval is.

Ook de rechten van de natives maken deel uit van de Act. In de Act wordt het bestaan van de inheemse volken erkend, evenals hun rechten. Natives hebben evenveel rechten als andere Canadese burgers en hun leefomgeving zal worden beschermd. Een ander onderdeel van de Act is de verantwoordelijkheid van de overheid om in geheel Canada openbare diensten van een redelijke kwaliteit aan te bieden. Zo moeten alle Canadese burgers gebruik kunnen maken van openbaar vervoer, parken, bibliotheken, zwembaden, scholen enzovoort.

In de Act staat ook beschreven op welke manier de grondwet kan worden gewijzigd. Na jaren onenigheid waren de provincies het eens geworden over een methode, die kort inhoudt dat minimaal tweederde van de provincies (dus zeven provincies) een grondwettelijk amendement moet steunen voordat het aangenomen kan worden. In deze provincies moet minimaal vijftig procent van de Canadese bevolking gehuisvest zijn.

1982: Canada Act (Canadese grondwet)

Aanname van de Act

Koningin Elizabeth II keurde de Canada Act goed op 29 maart 1982 in Londen. De nieuwe grondwet werd pas echt van kracht op 17 april 1982, toen de koningin in Parliament Hill in Ottawa de wet ondertekende. Na de ondertekening bereikte Canada voor het eerst volledige souvereiniteit en werd het een onafhankelijk land. Queen Elizabeth bleef echter koningin en hoofd van de staat Canada.

Tekenen van Canada Act

Verdeeldheid

Hoewel de Canada Act met een meerderheid werd aangenomen, waren het bestuur en de inwoners van Québec het niet volledig eens met de inhoud van de grondwet. In de wet staat namelijk dat Engelssprekende ouders die buiten Québec zijn opgevoed hun kinderen naar Franstalige scholen moeten sturen als ze in Québec komen wonen. Dit was volgens de provincie Québec in strijd met het recht op onderwijs in een minderheidstaal. De regering van Québec stapte in april 1982 naar de rechter, die oordeelde dat Québec geen veto uit mocht spreken over deze kwestie. Ook het Hooggerechtshof oordeelde op deze manier over deze kwestie op 6 december van dat jaar.

1980: Marathon of Hope door Terry Fox1988: Olympische Winterspelen Calgary