Death Valley, Californie

'Heetst, droogst, en laagst'. Zo beschrijft de National Park Service het bijzondere Death Valley National Park. 'Heetst' betekent dat gedurende de zomer in Death Valley gemakkelijk temperaturen van vijftig graden bereikt worden. Met slechts een fractie van de neerslag die in een normale woestijn valt, is 'droogst' ook te verklaren. 'Laagst' ten slotte, slaat terug op Badwater, het laagste punt van het westelijk halfrond, gelegen op 86 meter onder het zeeniveau. Ondanks de wat lugubere naam is Death Valley National Park een prachtig en divers park. Hoge bergtoppen omringen een droog woestijnlandschap en je vindt er verrassende canyons, wildflowervalleien (in de lente) en een uitgestrekte zoutvlakte.



Bezienswaardigheden & activiteiten

Furnace Creek: Furnace Creek Aan Highway 190 ligt Furnace Creek. Hier is het bezoekerscentrum gevestigd en er zijn voorzieningen zoals restaurants en hotels. Ook is het de plaats van het kleine Death Valley Museum en het Borax Museum. Borax wordt tegenwoordig voor waspoeder gebruikt, vroeger maakte men er hittebestendig glas van. Bezichtig in het museum mijnwerkersgereedschap en transportmiddelen uit de negentiende eeuw. Hieronder volgen zeven bezienswaardigheden die in de Furnace Creek Area liggen.

Golden Canyon: Golden Canyon Ten zuiden van Furnace Creek bereik je via de Badwater Road de anderhalve kilometer lange Golden Canyon Interpretive Trail (wandelpad, one-way). De Golden Canyon is een nauwe kloof met ‘gouden’ wanden. In de middag, wanneer de zonnestralen de canyon in vallen, is deze plek een mooie wandellocatie. Vanuit de Golden Canyon is het een korte wandeling naar Red Cathedral (800 meter), een natuurlijk amfitheater van rode rotsen.

Artist’s Drive: Artists Drive Rijd je na de Golden Canyon verder over de Badwater Road naar het zuiden, dan kun je een omweg maken via de Artist's Drive, een route van veertien kilometer over een verharde weg door vulkanisch landschap. Je ziet roze, groene, paarse, bruine en zwarte rotsen. Voor foto’s is Artist’s Palette in de late namiddag en tijdens zonsondergang het mooist, de gesteenteverkleuringen lijken dan echt een schilderspalet. De weg is eenrichtingsverkeer en alleen toegankelijk voor voertuigen tot 25 feet (7,62 m).

Devil’s Golf Course: Devils Golf Course Een groot gebied van zoutbrokken en zoutpilaren tot dertig centimeter hoog, gevormd door het verdampen van oppervlaktewater. Het lijkt alsof de grond net is omgeploegd, en het terrein is zo grillig dat ‘alleen de duivel hier kan golfen’. Vanaf de Badwater Road kom je via een anderhalve kilometer lange, onverharde weg bij Devil's Golf Course aan.

Badwater Basin: Badwater Basin in Death Valley NP, een grote zoutvlakte Aan het eind van de Badwater Road ligt Badwater, het laagste punt van het Noord-Amerikaanse continent en het westelijk halfrond. Het Badwater Basin doet haast surrealistisch aan: de uitgestrekte vlakte bestaat uit grote zoutplakkaten en wordt omringd door donkere bergen. Soms ontstaat er na regenval een tijdelijk meertje. Bij warm weer wordt afgeraden om over de zoutvlakten te lopen. Aangezien de bodemtemperatuur vijftig procent hoger is dan de luchttemperatuur, zou je in de zomer een ei op de grond kunnen bakken. Waarom de plaats Badwater ('slecht water') heet, zul je begrijpen als je de geur van het stilstaande water in de kleine plassen ruikt.

Zabriskie Point: Zabriskie Point in Death Valley National Park Als je bij Furnace Creek niet de Badwater Road in zuidelijke richting volgt, maar de andere afslag naar het zuidoosten neemt, kom je bij Zabriskie Point. De mooie zonsop- en ondergang maken deze korte wandeling (omhoog, vanaf de parkeerplaats) en het uitzichtpunt erg de moeite waard. Vanaf Zabriskie Point heb je een weids uitzicht op een ruig en kaal maanlandschap, badlands genaamd. Badlands komen vooral in droge gebieden voor en worden gek genoeg gevormd door water. De regenbuien zijn vaak zo kort en heftig, dat het water niet snel afgevoerd kan worden. Door watererosie ontstaan kloven en geulen in het zachte gesteente, waardoor het overtollige water wegvloeit.

Dante’s View: Dantes View, uitzichtpunt in Death Valley National Park Zo'n dertig kilometer verder vind je Dante's View; een uitkijkpunt op meer dan 1.600 meter hoogte, aan de ongeveer vijf kilometer lange Dante's View Road (verhard). Het laatste stuk van de weg is erg steil en telt een aantal haarspeldbochten. Dit deel is niet toegankelijk voor voertuigen langer dan 25 feet (7,62 meter). Dante's View is een van de mooiste uitkijkpunten in Death Valley. Je kijkt uit op Badwater Basin en ziet tegelijkertijd het hoogste punt (Telescope Peak, 3.368 meter). Vooral 's morgens is het uitzicht mooi.

Mesquite Flat Sand Dunes: Death Valley zandduinen bij Stovepipe Wells, Mesquite Flat In de Stovepipe Wells Area, ten noordwesten van Furnace Creek, liggen de Mesquite Flat Sand Dunes. Deze zandduinen zijn de bekendste en meest makkelijk te bezoeken zandduinen in het park. Ten noorden van Stovepipe Wells rijzen zandduinen op vanaf Mesquite Flat, tot hoogtes van dertig meter. ’s Nachts hangt er door het maanlicht een magische sfeer. ’s Morgens kun je in het zand de sporen van nachtdieren vinden.

Mosaic Canyon: Mosaic Canyon, kloof in Death Valley Direct ten westen van Stovepipe Wells en de Sand Dunes ligt Mosaic Canyon. Gepolijste marmeren muren en vreemde mozaïekpatronen maken deze kleine canyon populair. Sommige delen van de gedraaide lagere canyon zijn erg nauw: je kunt er niet naast elkaar lopen. De weg naar de parkeerplaats is een onverharde weg van ongeveer drie kilometer lang. Vervolgens kom je na een paar honderd meter lopen in de canyon terecht, waar je nog eens twee tot drie kilometer verder kunt wandelen.

Scotty’s Castle: Scottys Castle Verder noordelijk aan Scotty's Castle Road ligt Scotty's Castle. De goudzoeker met de bijnaam ‘Death Valley Scotty’ beweerde dat deze Spaanse villa was gebouwd met goud uit zijn (denkbeeldige) goudmijn. Eigenlijk was het sinds 1920 de vakantiewoning van zijn rijke vrienden. Helaas is Scotty's Castle tot 2020 gesloten na overstromingen in 2015.

Ubehebe Crater: Ubehebe Crater Ten westen van Scotty's Castle ligt de Ubehebe Crater. Meer dan driehonderd jaar geleden vond in de stille woestijn een enorme vulkaanuitbarsting plaats. Nadat het stof was neergedaald, bleek er een 180 meter diepe krater te zijn ontstaan. De krater is goed te zien vanaf de verharde weg, maar nieuwsgierige wandelaars gaan vaak dichter naar de kraterranden om ook de kleinere kraters te bekijken.

Eureka Dunes: Eureka Dunes Via de Big Pine Road zijn de Eureka Dunes in het noorden van het park te bezoeken. Dit zijn de grootste duinen van Californië; ze beslaan een gebied van 1,6 bij 5 kilometer en zijn tweehonderd meter hoog. De zandduinen rijzen abrupt op uit een drooggevallen meerbodem en staan tegen de achtergrond van een grote kalkstenen muur van de Last Chance Mountains, die 1.200 meter hoog zijn. Vanwege hun geïsoleerde ligging vormen de duinen een schuilplaats voor zeldzame en bedreigde dier- en plantensoorten. Om de flora en fauna te beschermen is paardrijden en sandboarden hier verboden.

Rhyolite Ghost Town: Rhyolite bij Beatty Nevada Als je Death Valley via de oostingang bij Beatty (Nevada) betreedt of verlaat, dan kun je buiten de parkgrenzen Rhyolite Ghost Town bezoeken. Neem de afslag aan Highway 374 en parkeer je voertuig aan het eind van de verharde weg. Je kunt rondwandelen langs de verlaten houten gebouwen. Het is moeilijk voorstellen dat de typische ghost town Rhyolite in 1905 een redelijk grote stad was.

Vervoer

Death Valley Californie Death Valley is goed bereikbaar met je eigen auto of camper. Vanwege de enorme hitte in de lange zomermaanden (juni tot en met september) is het voor campers niet toegestaan om door het park te rijden. Highway 190 doorkruist Death Valley van oost naar west en is samen met de verharde Badwater Road de meest toegankelijke weg. Veel andere wegen zijn niet allemaal even goed onderhouden (dit staat aangegeven), onverhard of alleen toegankelijk voor terreinwagens. Daarnaast geldt er op enkele wegen een verbod voor voertuigen langer dan 25 feet (7,62 m). Je kunt bij een rangerpost of een van de bezoekerscentra vragen naar de actuele condities van de wegen.

Feiten

Staat Californië
Oppervlakte 13.650 km²
Hoogte van -86 (Badwater) tot 3.368 meter (Telescope Peak)
Opgericht 31 oktober 1994
Bezoekers per jaar 950.000
Tijdzone Pacific Time Zone (tijdverschil met Nederland: 9 uur vroeger)

Klimaat

Bovenstaande klimaatgegevens zijn historische gemiddelden voor de plek op de kaart. Het weer is onvoorspelbaar, deze gegevens dienen dan ook puur als indicatie.

Death Valley staat bekend als de warmste en droogste plaats van Noord-Amerika. De jaarlijkse regenval is een fractie van de neerslag die in een gemiddelde woestijn valt. In de zomer kan het 45 tot 50 graden worden en is het 's nachts circa dertig graden. In juli 1913 werd er de hoogste temperatuur ooit in de Verengide Staten gemeten: de thermometer gaf aan dat het (in de schaduw!) 57 graden was.

Het najaar is ook erg heet te noemen, met temperaturen van 45 graden in augustus, 40 in september en bijna 35 in oktober. De winter is eigenlijk het enige aangename seizoen in Death Valley. De temperatuur ligt in januari en december overdag net onder de 20 graden en 's nachts reikt de temperatuur maar af en toe onder het vriespunt. Eind maart stijgen de maxima alweer tot bijna 30 graden en in mei wordt de 40 al regelmatig bereikt. Het is vaak winderig in Death Valley en in de lente komen er af en toe zandstormen voor.

Natuur, flora & fauna

Flora: Goede voorbeelden van planten die zich aan het uiterst hete en droge klimaat aangepast hebben, zijn de mesquitestruik en de creosootstruik. De mesquitestruik heeft bijvoorbeeld wortels die op meer dan vijftien meter diepte water kunnen vinden. De creosootstruik neemt met zijn wijdvertakte en aan de oppervlakte liggende wortelstelsels de geringste hoeveelheid neerslag op.

Fauna: Ondanks de extreme temperaturen en anders dan de naam 'vallei van de dood' doet vermoeden, leven er vierhonderd verschillende diersoorten in Death Valley. Er zijn coyotes, hagedissen, eekhoorns, ratelslangen en woestijndikhoornschapen. Bijzonder is de wangzakmuis. Deze 'muis' is eigenlijk een rat, die zo goed is aangepast aan de extreme droogte dat hij zijn hele leven zonder water kan. Hij heeft genoeg aan het vocht in de zaden die hij eet. Zeldzaam is de 'pupfish'. Deze kleine visjes kunnen overleven in het zoute water van Death Valley. Dat klinkt in eerste instantie niet zo bijzonder, maar dat is het wel als je bedenkt dat het water drie keer zo zout als zeewater is.

Geschiedenis

Miljoenen jaren geleden veranderde Death Valley door tektonische activiteit van een heuvelachtig gebied in een laaggelgen binnenzee, omringd door hoge bergen. Het water in deze zee verdampte door de hitte geleidelijk aan, waardoor er een woestijn met uitgestrekte zoutvlakten ontstond. In het onherbergzame gebied leefden van oudsher de Timbisha Shoshone-indianen. Zij noemden de vallei Tomesha: 'het land waar de bodem in brand staat'.

In 1849 ontdekten kolonisten goud in Californië. Na deze ontdekking trokken veel goudzoekers vanuit Salt Lake City door de vallei. Over die barre tocht bestaan talloze legenden, en aan een daarvan ontleent het park zijn naam. In 1849 verdwaalde een groep goudzoekers in de vallei, waarna ze wekenlang tevergeefs zochten naar een weg die hen uit de vallei zou leiden. Voor zover bekend is er één persoon overleden en namen de andere groepsleden aan er allemaal te zullen sterven. Uiteindelijk slaagden ze er op wonderbaarlijke wijze toch in de vallei uit te komen. Tijdens de zwerftocht had het gezelschap zichzelf in leven weten te houden door water uit beekjes te drinken en hun eigen ossen op te eten. Ze gebruikten het hout van hun karren om vuur te stoken. De plaats waar dit gebeurde ligt bij Stovepipe Wells en heet tegenwoordig 'Burned Wagons Point'. Het verhaal gaat dat toen de verdwaalde goudzoekers eindelijk de vallei achter zich lieten, een van hen zich omdraaide en zei: 'Goodbye, Death Valley'. 

Toen in de negentiende eeuw bleek dat er in de vallei zilver en borax te vinden was, kwamen er Chinese immigranten, die de stad Panamint City bouwden. Met de zogenaamde twenty-mule-teams (achttien muildieren en twee paarden, gespannen voor grote wagens) werd de gewonnen borax door het gebied vervoerd. Rond 1890 vertrokken de meeste immigranten weer. Twintig jaar later vonden Baskische kolonisten er goud. Dit leidde opnieuw tot een toestroom van mensen, nu naar de stad Harrisburg. Na deze goldrush werd het gebied wederom verlaten. In 1933 benoemde de overheid Death Valley tot National Monument en pas in 1994 kreeg het gebied de status van National Park. Death Valley vormde het decor voor tientallen films, waaronder Star Wars.

Infodag zat. 23 nov @ Zwolle
drie regio's, twee campers
Meld je gratis aan
20 oktober: Roadshow in Breda
Zuidwest-Amerika, West-Canada en camper!
Meld je gratis aan