1789: Eerste Amerikaanse presidentsverkiezingen

In 1783 komt er een einde aan de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog (1775-1783). De prille, onafhankelijke Verenigde Staten staan voor een zware taak: het vormen van een eigen regering. De Verenigde Staten, nu een land met een federale overheid, zijn klaar voor hun allereerste presidentsverkiezing.

De eerste presidentsverkiezing

De verkiezingen zijn meer een formaliteit dan een democratische ‘verkiezingsstrijd’. Presidentskandidaat en voormalig bevelhebber van het continentale leger George Washington (Virginia) heeft namelijk in wezen geen rivalen. Er zijn wel meerdere kandidaten, waaronder John Adams, James Armstrong, George Clinton, Benjamin Lincoln, John Milton, Benjamin Franklin en Edward Telfair, maar George Washington is vanaf begin af aan veruit de meest populaire. Voor zijn presidentschap was Washington legergeneraal en gold hij als een inspirerende leider. Hij was een model van eerlijkheid, doorzettingsvermogen en grote moed.

De verkiezingen zijn echter wel belangrijk voor de aanstelling van een vicepresident. Voor deze functie zijn verschillende mededingers die goede rivalen zijn van elkaar. De Constitutie bepaalt dat elke staat in feite zelf mag uitmaken op welke wijze hun kiesgerechtigde wordt gekozen die plaats zal nemen in het kiezerskorps. De Constitutie bewerkstelligt echter nog niet het ‘recht op vrijheid’ voor iedereen. Tijdens Voor alle kiesgerechtigden gelden bepaalde kwalificaties. Het mogen enkel blanke mannen zijn, in het bezit van een grondgebied. Dit betekend dat in feite slechts zes procent van de gehele Amerikaanse bevolking een stemrecht heeft ten tijde van de eerste verkiezingen. Pas in 1870 verkrijgen ook voormalige mannelijke slaven stemrecht en later volgen ook Amerikaanse indianen (1924) en vrouwen (1920). Voor de eerste verkiezingen worden de verschillende kiesgerechtigden per staat (een enkele keer meerderen per staat) op verschillende manieren verkozen. In enkele staten, waaronder Connecticut, Georgia, New Jersey en South Carolina, worden ze aangesteld door de wetgevende macht. De wetgevende mackt van New York slaagt er niet in om bijtijds een verkiezingswijze op te stellen en heeft hierdoor geen enkele kandidaat om op tijd in te dienen voor het verkiezingskorps. Enkele andere staten, waaronder New Hampshire, Delaware, Maryland en Pennsylvania, kiezen een stemgerechtigde aan de hand van populariteit. North Carolina en Rhode Island mogen helemaal geen kiesgerechtigde aanwijzen, omdat zij op het moment van de eerste verkiezingen de Constitutie nog niet hebben geratificeerd. Uiteindelijk bestaat het kiezerskorps uit negenenzestig kiezers.

Eerste Amerikaanse presidentsverkiezingen

George Washington

Elke kiezer mag in totaal twee stemmen uitbrengen, waarvan minstens één moet worden toegekend aan een kandidaat van buiten de eigen staat. De uitgebrachte stemmen gaan vervolgens naar het Congres, alwaar ze worden geteld in het bijzijn van de Senatoren en Gedelegeerden. George Washington wordt met een overweldigend aantal stemmen aangesteld. Maar liefst iedereen van de negenenzestig kiezers uit het kiezerskorps heeft één van zijn twee stemmen gebruikt om op Washington te stemmen. De overige stemmen bepalen de vicepresident. Het wordt de voormalige minister van Groot-Brittannië en federalist John Adams (Massachusetts). Op 30 april 1789 wordt George Washington geïnaugureerd als de eerste president van de Verenigde Staten.

Tegenwoordig wordt het hier geschetste kiessysteem niet meer gebruikt. Doordat de stemmen zich in de eerste verkiezingen verdeelden over verschillende kandidaten die op voorhand uit verschillende partijen zijn geselecteerd, was het vak zo dat een president en vicepresident uit tegenoverstaande partijen samen moesten werken. Daar dit vaak problematisch bleek is dit kiessysteem al na enkele verkiezingen veranderd. Sinds 1804 wordt er tijdens verkiezingen gestemd op verschillende koppels presidenten en vicepresidenten.

George Washington en John Adams

Inauguratie en presidentschap

Na de verkiezingen vertrekt Washington voor zijn inauguratie per koets van zijn huis in Mount Vernon naar New York, de nieuwe en tijdelijke hoofdstad van de natie. Bij aankomst staan er enorme massa’s mensen op hem te wachten. Vanaf het begin weet George Washington dat alles wat hij doet een precedent schept voor zowel burgers als komende presidenten en hier gedraagt hij zich gedurende zijn presidentschap ook naar. De Constitutie geeft tevens slechts een zeer korte beschrijving van het presidentschap – waaronder het voeren van het bevel over leger en zeemacht, de macht tot kwijtschelden en de macht tot het maken van verdragen – maar verder staan er weinig in over de precieze invulling van deze belangrijke functie. Des te belangrijker zijn dus Washingtons eigen acties.

Een van de eerste debatten betreffende het Congres draait om het benoemen van de eerste leider van de Verenigde Staten. Enkele mogelijke benamingen die door gezaghebbende op de tafel worden gelegd zijn ‘His Highness’, ‘His Excellency’ en ‘His Mightiness’. Vicepresident John Adams komt zelfs met de bombastische titel ‘His Highness, the President of the United States and Protector of the Rights of Same’ aandragen. Washington beëindigt het debat met zijn conclusie dat gewoon ‘President’ meer dan genoeg is, en deze titel is sindsdien nooit meer veranderd.

De aanwezigheid van de gerespecteerde Washington zorgt er in de eerste periode van het bestaan van de Verenigde Staten voor dat de staten niet uit elkaar drijven en hij weet het Noorden en het Zuiden bijeen te houden. In 1792 geeft Washington aan dat hij niet voor een tweede maal wil dienen als president, maar hij wordt overgehaald dit toch te doen. Alle 132 kiesgerechtigden staat wederom als een blok achter hem. Met zijn overweldigende persoonlijkheid heeft Washington enkele zeer controversiële invoeringen weten te doen met goedvinden van het volk, waaronder het oprichten van een centrale bank. Hij heeft echter niet kunnen voorkomen dat enkele andere ideeën over het vormgeven van de Verenigde Staten bleven groeien en verschillende filosofieën almaar meer aanhangers kregen. Jefferson was de leider van de fractie die een agrarische samenleving voorzag met een gedecentraliseerde en zwakke overheid. Hamilton daarentegen leidde de fractie die stond voor een door steden gedomineerde natie met een sterke centrale overheid. Deze ontwikkeling baarde Washington grote zorgen maar hij was niet bij machte het te stoppen. De geschetste politieke verdeling is uiteindelijk de basis geworden voor latere politieke partijen.

George Washington
1783: Vrede van Parijs1791: Bill of Rights
Superaanbieding West-Canada
Vanaf €1705 p.p. (bij 2 personen)