1608: Europeanen stichten Québec City

De provincie Québec is de enige Canadese provincie waar het Frans de boventoon voert. Het is ook de plek waar de eerste basis werd gelegd voor een permanente Europese nederzetting in continentaal Canada. Het werd al vroeg duidelijk dat de Franse kolonisten het zouden afleggen tegen de Engelsen in een strijd om dominantie in Noord-Amerika. Alleen in Québec bleef een sterk Frans fundament bewaard. De frictie tussen het overwegend Engelssprekende Canada en zijn Franstalige provincie is meermaals geëscaleerd en het is nog altijd niet uitgesloten dat Québec zich ooit zal afscheiden van Canada.

Ontdekking

Na de verkennende reizen van Jacques Cartier (vanaf 1534) was Samuel de Champlain de volgende belangrijke zeeman die richting de monding van de St. Lawrencerivier voer. De Champlain had tijdens een reis in 1603 het voornemen om een permanente nederzetting te stichten aan de St. Lawrencerivier en werd daarbij geholpen door de uitgebreide geografische kennis van de Algonquin-stam. De stichting van Québec vond echter pas in 1607 plaats, omdat men eerst zuidelijker gelegen gebieden wou verkennen vanwege het aangenamere klimaat. Deze gebieden werden bekend onder de naam Acadië en omvatten de huidige provincies New Brunswick, Nova Scotia en de Amerikaanse staat Maine.

Samuel de Champlain

Kolonisatie

In 1608 keerde De Champlain terug naar de St. Lawrence om op zoek te gaan naar een plek waar men routes met het binnenland kon creëren buiten de invloedssfeer van andere pelshandelaren om. Op een oever waar de St. Lawrence wat smaller is stichtte De Champlain Québec, genoemd naar ‘Kebec’, het Algonquin woord voor ‘smalle doorgang’.

De vallei van de St. Lawrence werd geclaimd door Frankrijk op basis van de ontdekkingen van Cartier. Er werd ze geen strobreed in de weg gelegd door de oorspronkelijke bevolking, omdat de verschillende stammen in het gebied bijna altijd met elkaar in staat van oorlog leefden. Veel stammen wilde zich alliëren aan de militair geavanceerde Fransen, om zo een kans te maken tegen hun vijanden. De Fransen verenigden zich met de Algonquin in hun strijd tegen de Iroquois, want ze waren afhankelijk van de eerste groep voor bont en voedsel. Ook de Huron-stam ging een alliantie met Frankrijk aan om zich te beschermen tegen aanvallen van de Iroquois.

De kolonie in Québec groeide langzaam; in 1620 leefden er niet meer dan 60 mensen. In 1624 besloot de Franse regering dat de kolonie moest diversifiëren zodat men niet alleen afhankelijk zou zijn van de pelshandel. Een monopolie op alle handel in Frans koloniaal Amerika kwam in handen van een grote handelsorganisatie, die speciaal was opgericht om de Franse kolonies te versterken tegenover de Engelse en Nederlandse in de regio.

In 1627 raakte Frankrijk echter verzeild in een oorlog met Engeland, waardoor de Franse kolonies door de Engelse troepen werden afgesneden. De Champlain kon niets anders dan Québec in 1629 op te geven. Pas nadat herstelbetalingen waren gedaan, besloten de Engelsen Québec terug te geven aan Frankrijk in 1632.

Stammenoorlog

Ontwikkeling

Onder leiding van koning Lodewijk de 14e werd de kolonie een officiële provincie van Frankrijk in 1661. Nu pas nam de groei van de kolonie een vlucht. In 1663 woonden er slechts 3.000 mensen, maar tien jaar al bijna 10.000. Tot 1672 groeide de kolonie sterk in populatie. Dit kwam vooral door het feit dat er veel vrouwen vanuit Frankrijk naar de kolonie immigreerden.

De kolonie had inmiddels, zoals opgedragen vanuit Parijs, een overheid. Aan het hoofd van deze overheid stond de gouverneur-generaal. Hij had de absolute macht over de strijdkrachten en regelde de contacten met de Engelse kolonies en de oorspronkelijke bewoners. In 1713 werd het Verdrag van Utrecht getekend tussen Frankrijk en Engeland. Een van de afspraken was een wapenstilstand tussen beide landen van 30 jaar. Op deze manier kon Québec zich sociaal en economisch consolideren. Gedurende de eerste helft van de achttiende eeuw woonde ongeveer een kwart van alle kolonisten in een stad. De belangrijkste steden waren Québec City (8.000 inwoners) en Montréal (5.000 inwoners). Québec was hierbij de belangrijkste haven en administratieve hoofdstad en Montréal het centrum van de pelshandel.

Québec

Oorlog

De wapenstilstand was een succes, maar een jaar na de 30-jarige periode van vrede brak er in Europa een hernieuwde oorlog uit tussen Frankrijk en Engeland, de zogenaamde Zevenjarige Oorlog. Deze strijd verspreidde zich ook naar de kolonies van beide landen. Vrijwel meteen namen Engelse troepen een Frans fort in aan de kust, dat ooit als verdedigingswerk voor de Golf van St. Lawrence was gebouwd. Het lukte de Fransen niet het fort een jaar later terug te nemen.

Hoewel de Franse kolonie in 1755 meer dan 55.000 inwoners telde, woonden er in de Engelse kolonies inmiddels al meer dan een miljoen kolonisten. Deze laatste kolonies konden dus ook veel meer milities op de been brengen dan de Fransen. Uiteindelijk zouden de Engelsen Québec City innemen in 1759. Na deze inname probeerden Franse troepen vanuit de omliggende St. Lawrence-vallei een tegenaanval te openen. Het Engelse overwicht was echter beslissend en in 1760 was Frankrijk definitief zijn Canadese kolonies kwijt. Dat Frankrijk verloor had deels te maken met de kleinschaligheid van de kolonie ten opzichte van de Engelse kolonies in Noord-Amerika, maar ook met de prioriteit die Parijs gaf aan Franse kolonies elders in de wereld.

Plattegrond Québec City

Toekomst

De Engelsen kregen met het Verdrag van Parijs uit 1763, wat officieel een einde maakte van de Zevenjarige Oorlog, zeggenschap over Frans Canada. Het bleek daarna voor het Engelse bestuur lastig de vrede te bewaren in een gebied waar de meerderheid Franstalig én rooms-katholiek was. Sinds 1867 maakt Québec als provincie deel uit van Canada, zij het met een bepaalde mate van autonomie. De discussie over een eventueel toekomstig onafhankelijk Québec is tegenwoordig nog steeds levend.

1583: Newfoundland, de eerste Engelse kolonie1670: De Fransen richten de Hudson's Bay Company op