1976: Olympische Zomerspelen Montréal

De Zomerspelen van 1976 in Montréal werden gekenmerkt door bouwputten en een overschot aan bewakingspersoneel. Als gevolg van de dramatische Spelen van 1972 in München (met een gijzeling waarbij elf Israëlische sporters om het leven kwamen) besloot de organisatie het Olympisch dorp en de sportaccomodaties zeer streng te beveiligen. De accommodaties waren in veel gevallen niet eens voltooid door een extreem koude winter, stakende werknemers en geldproblemen. Het waren ook de Zomerspelen van de terugtrekkende Afrikaanse landenteams, de extreem hoge cijfers bij het turnen en de allesoverheersende Oost-Duitse dames. Logo Olympische Zomerspelen Montréal

Algemeen

Belangrijkste accommodaties

  • Olympic Stadium (70.000 toeschouwers): openings- en slotceremonie, atletiek, voetbal, paardenspringen
  • Olympic Equestrain Centre (35.000 toeschouwers): paardensport
  • Lansdowne Park (30.000 toeschouwers): voetbal
  • Molson Stadium (19.500 toeschouwers): hockey
  • Montreal Forum (18.000 toeschouwers): basketbal, boksen, turnen, handbal, volleybal

Deelnemers 6.028 sporters uit 92 landen

Top 3 medaillespiegel

  1. Sovjet-Unie (49x goud, 41x zilver en 35x brons)
  2. Verenigde Staten (34 – 35 – 25)
  3. Oost-Duitsland (40 – 25 – 25)

Accommodaties

De sportwedstrijden vonden plaats in 27 accommodaties. Van de grootste accommodaties bestonden het Molson Stadium (gebouwd in 1915), het Montréal Forum (voltooid in 1924) en het Lansdowne Park (aangelegd in 1903) al voordat bekend werd dat de Olympische Spelen van 1976 in Montréal zouden plaatsvinden. Het Olympic Stadium en het Olympic Equestrain Centre werden speciaal voor de Spelen gebouwd. Andere faciliteiten werden opgeknapt en waar nodig aangepast voor het sportevenement. Bij de bouw van het Olympic Stadium deden zich behoorlijk wat problemen voor. Het stadion, dat werd ontworpen door de Franse architect Roger Taillibert, zou als eerste stadion ter wereld een uitschuifbaar dak krijgen. In november 1973 begon de bouw, die uiterlijk in mei 1976 – twee maanden voor de opening van de Spelen – voltooid moest zijn. Een zeer strenge winter, een werknemersstaking en constructiefouten gooiden echter roet in het eten en zorgden ervoor dat tijdens de openingsceremonie de bouwkranen boven het stadion uitstaken.

Het duurde nog tot 1987 voordat het stadion en de toren helemaal voltooid waren. Het dak heeft nooit zijn oorspronkelijke functie kunnen uitoefenen. De uiteindelijk kosten van het Olympic Stadium in Montréal bedroegen, mede als gevolg van de bouwproblemen, 1,5 miljard dollar. Aangezien hier eerste instantie 300 miljoen dollar voor was uitgetrokken, vielen de kosten vijf keer zo hoog uit als verwacht. De Canadese bevolking draaide voor deze kosten op en moest nog jarenlang een verhoogde belasting betalen.

Olympisch Stadium Montréal

Boycot

Vlak voor de Spelen besloot een groot aantal Afrikaanse landen niet deel te nemen aan het sportevenement. De reden hiervoor was het bezoek van een rugbyteam uit Nieuw-Zeeland aan Zuid-Afrika. Het team zou de regels tegen de apartheid hebben geschonden door een wedstrijd tegen een Zuid-Afrikaans team te spelen. Zuid-Afrika was om deze redenen al uitgesloten van deelname aan de Spelen. Hierop eisten de overige Afrikaanse landen dat de Nieuw-Zeelandse sporters niet toe zouden worden gelaten tot de Spelen. Het IOC weigerde deze eis in te willigen, omdat rugby geen Olympische Sport is en omdat het IOC geen invloed heeft op beslissingen van afzonderlijke sportbonden. Hierop besloten ruim twintig Afrikaanse landen zich terug te trekken van deelname aan de Spelen. Enkele Afrikaanse landen die zich in eerste instantie niet terugtrokken, zoals Kameroen, Marokko en Tunesië, besloten na drie dagen deelname toch van de Spelen af te zien.

Wonderbaarlijke prestaties

De destijds 14-jarige Roemeense Nadia Comaneci streefde tijdens de Zomerspelen van 1976 perfectie na en slaagde hier behoorlijk in. Ze scoorde maar liefst zeven keer een tien en won hiermee drie keer goud. Comaneci behaalde de medailles echter niet zonder slag of stoot. Tijdens de individuele competitie liep ze een snijwond op, wat bloedvergiftiging als gevolg had. Hoewel Comaneci eigenlijk in het ziekenhuis behandeld moest worden, koos ze ervoor om toch deel te nemen aan de ploegenwedstrijden. Dankzij haar 9.95 won Roemenië het eerste ploegengoud. Na de wedstrijd moest Comaneci direct terug naar het ziekenhuis om de geïnfecteerde wond, waaraan zich een abces had gevormd, chirurgisch te laten verwijderen.

Comaneci was niet de enige die gewond haar oefeningen volbracht. De Japanse turner Shun Fujimoto brak zijn been tijdens de oefening op de grond, maar verbeet zich en deed vervolgens nog zijn oefening aan de ringencup – met een mooie afsprong. Dankzij Fujimoto’s 9.7 behaalde het Japanse team een gouden medaille in het turnen.

De vrouwelijke Oost-Duitse deelnemers haalden behoorlijk wat medailles binnen. Ze domineerden bij het zwemmen, waar ze elf van de dertien titels behaalden. Ook bij de atletiek waren ze erg sterk en sleepten ze tien van de veertien medailles binnen. Na de roeiwedstrijden mochten ze vier van de zes medailles mee naar huis nemen. Achteraf bleek echter dat het Oost-Duitse team op grote schaal doping gebruikte.

Nadia Comaneci

Schandaal

De Rus Boris Onisjenko zorgde voor een schandaal bij de moderne vijfkamp (paardrijden, zwemmen, schermen, schieten en veldloop). Hij knoeide met zijn degen en zorgde ervoor dat er, wanneer hij op een knopje drukte, een treffer voor hem werd geregistreerd op het elektronische scorebord. Zijn bedrog kwam aan het licht nadat de Britten, die enkele wedstrijden tegen hem hadden gespeeld en de boel niet vertrouwden, eisten dat de degen van Onisjenko werd onderzocht. Onisjenko werd gediskwalificeerd en de Russische leiding voerde de sporter snel af.

Nederlandse medailles

Het Nederlandse landenteam bestond uit 108 sporters die samen uitkwamen in elf disciplines. Hockeyer André Bolhuis droeg de vlag tijdens de openingsceremonie. Waterpoloër Evert Kroon nam deze taak op zich tijdens de slotceremonie. Hoewel de Nederlandse afvaardiging een behoorlijk aantal sporters betrof, was de medaillespiegel teleurstellend te noemen. De atleten wisten geen enkele gouden medaille te behalen en keerden terug met twee zilveren en drie bronzen medailles. Hiermee eindigde Nederland op de 29e plaats in de medaillespiegel.

Een van de zilveren medailles was voor kleiduifschieter Eric Swinkels. Swinkels nam in totaal zes keer deel aan de Olympische Spelen, maar wist alleen in 1976 een medaille te behalen. De andere zilveren medaille werd behaald door wielrenner Herman Ponsteen. Bij de 4.000 meter achtervolging bleek alleen de Duitser Gregor Braun te sterk voor hem. De bronzen medailles gingen naar het heren waterpoloteam en naar Enith Brigitha, die zowel op de 100 meter vrij als op de 200 meter vrij een plak binnenhaalde. Brigitha moest het afleggen tegen Oost-Duitse zwemsters, maar aangezien na de Spelen bleek dat zij doping hadden gebruikt, kregen Brigitha’s medailles toch een gouden randje.

Enith Brigitha
1971: Multiculturisme in de Canadese Grondwet1980: Marathon of Hope door Terry Fox