Algonquin Provincial Park, Ontario

Algonquin Provincial Park Het grootste en oudste park van Ontario biedt 7.800 vierkante kilometer beboste heuvels, moerassen, rivieren en duizenden meren die met elkaar in verbinding staan. Het zuidelijke parkdeel is te verkennen via Highway 60. Wil je verder het park in, dan kun je je het beste per boot of kano verplaatsen. Algonquin dankt zijn naam aan de Algonquin-indianen, die er ooit woonden. Tegenwoordig bevolken elanden, beren, otters, vossen en wasberen het gebied.

Bezienswaardigheden & activiteiten

Highway 60: Algonquin Deze toeristische route doorkruist het zuidelijke deel van het provinciale park en is het gehele jaar door geopend. Ben je in mei of juni in Algonquin? Ga dan ’s morgens op pad, er zijn dan vrijwel elke ochtend elanden langs de weg te zien. Locaties aan Highway 60 worden aangegeven door middel van kilometerpalen, gerekend vanaf de westelijke toegang (West Gate, km 0). Het eindpunt is de oostelijke toegang (East Gate, km 56). Als je onderweg wilt stoppen om van de voorzieningen gebruik te maken of om te wandelen, dien je bij een van de toegangspoorten een permit te halen.

Algonquin Art Centre: Algonquin Bij Found Lake (km 20 aan Highway 60) staat een reusachtig hol beeld, gemaakt van steen. Hier bevond zich het originele Park Museum. In 2005 werd er nieuw leven in geblazen en zag het Algonquin Art Centre het levenslicht. Het thema van de schilderijen, houtsnijkunst en sculpturen die je hier treft is ‘wildernis’. De werken slaan een brug tussen twee werelden; die van de kunst en de natuur. Het museum bestaat uit drie vleugels en een boetiek, een buitengalerij en een terras waar regelmatig kunstactiviteiten plaatsvinden.

Algonquin Visitor Centre: Algonquin In het bezoekerscentrum (km 43) is meer informatie te vinden over de natuurlijke en culturele historie van het park. Naast tentoonstellingen, maquettes, kunstwerken en een uitzichtpunt bevindt zich hier een restaurant en een boekwinkel. Het centrum organiseert ook evenementen en activiteiten, zoals wandelingen met een gids.

Algonquin Logging Museum: Museum Algonquin Provincial Park Het Logging Museum (km 54,5) brengt de geschiedenis van de houtkap in de bossen van Algonquin in beeld, van het kappen van de allereerste bomen tot het laatste grote transport over de rivier. Begin met de korte film en volg de anderhalve kilometer lange wandelroute achter het museum, waar je onder andere een oud kampement met hutten, werkplaatsen en machines van de vroegere houthakkers kunt bekijken. Het museum is geopend van eind juni tot half oktober. De trail is echter het hele jaar door te wandelen.

Kanoën: Kano Het netwerk van kanoroutes in Algonquin is honderden kilometers lang. Langs Highway 60 kun je kanoën op een van de meren. Hier liggen kampeerplekken, stranden, wandelpaden en zogenaamde nature trails, educatieve wandelroutes. Ervaren kanoërs kunnen het hart van het park in, dat niet voor gemotoriseerd verkeer toegankelijk is. Kano’s zijn zowel in als buiten het park te huur. Bij sommige bedrijven is een complete uitrusting te huur, inclusief kampeerspullen. Wil je als onervaren kanoër een meerdaagse tocht maken, ga dan mee met een gids. Bekijk de ‘Outfitters’-pagina of ‘Commercial Services’-pagina op de website van Algonquin voor meer informatie.

Trails: Trails Langs Highway 60 starten een tiental wandelingen. Bij het bezoekerscentrum en op de website vind je de beschrijvingen van alle mogelijke routes. De kortste wandeling is de Hardwood Lookout Trail (0,8 km), die je een typisch Algonquin-hardhoutbos laat zien en uitzichten biedt op Smoke Lake en de omringende heuvels (startpunt bij km 13,8). Een wat langere route is de Track and Tower Trail van 7,7 kilometer (startpunt bij km 25). Je hebt een spectaculair zicht op Cache Lake. Iets verderop, bij kilometer 27,2, begint de 3,5 kilometer lange Hemlock Bluff Trail. De route voert je door een gevarieerd bos naar een indrukwekkend uitzicht over Jack Lake. Voor een nog mooier uitzicht volg je de 1,9 kilometer lange Lookout Trail (bij kilometer 39,7). De route is steil en wat ruw, maar je wordt beloond met een uitzicht op honderden vierkante kilometers van het park. Een van de zwaarste wandelingen is Centennial Ridges Trail (10 km, begint bij km 37,6). De route brengt je naar twee hoge bergranden waar je ongeëvenaarde uitzichten hebt. Ook om de verschillende meren lopen wandelroutes, waaronder Mizzy Lake (11 km), Peck Lake (1,9 km) en Bat Lake (5,6 km).  

Vervoer

Auto: Algonquin Je kunt het park binnenrijden via Highway 60 (ook wel de Parkway Corridor genoemd), waar verschillende meren, lodges, restaurants, campings en picknickplaatsen aan gelegen zijn. Ook het bezoekerscentrum, het Algonquin Logging Museum en de Art Centre liggen aan deze weg.

Per kano: Algonquin Als je dieper het park in wilt gaan, ben je aangewezen op kano's. Algonquin beschikt over een breed uitgezet kanonetwerk, waarmee je veel overtomen en campings kunt bereiken. Denk eraan een goede kanoroutekaart te bemachtigen voordat je op ontdekkingstocht gaat.

Feiten

Provincie Ontario
Oppervlakte 7.700 km²
Hoogte van 150 tot 579 meter
Opgericht 23 mei 1893
Bezoekers per jaar 1.000.000
Tijdzone Eastern Time Zone (tijdverschil met Nederland: 6 uur vroeger)

Klimaat

De late lente, zomer en vroege herfst zijn geschikte seizoenen om Algonquin te bezoeken en er te wandelen of te varen. In de zomermaanden liggen temperaturen meestal achter in de twintig. Het kan echter ook voorkomen dat het 16 of soms wel 30 graden is. Wees hier dus op bedacht. In mei en september liggen de maxima doorgaans net onder de 20 graden. Van november tot en met maart kan het sneeuwen en kun je in het park skiën of rijden met sledehonden.

Natuur, flora & fauna

Flora: Doordat Algonquin Provincial Park precies op de grens ligt van de typische zuidelijke loofbosgebieden en de noordelijke gebieden met coniferen, komen beide soorten bomen voor in het park. Deze ontmoeting tussen noord en zuid is ook in de verhouding van andere boom- en plantsoorten terug te zien. In totaal groeien er meer dan 1.000 verschillende planten in het park.

Fauna: Er leven ongeveer 45 verschillende soorten zoogdieren, meer dan 260 vogelsoorten, 30 verschillende reptielen en amfibieën, 50 vissoorten en ongeveer 7.000 verschillende soorten insecten. Vanaf de jaren 1970 staat Algonquin bekend als de perfecte locatie om elanden te spotten. In mei en juni heb je de grootste kans om deze grote dieren te zien, terwijl ze uit de wateren langs Highway 60 drinken. Daarnaast is Algonquin beroemd door zijn wolven, die met name in de zomer goed te horen zijn door hun karakteristieke gehuil. De beste tijden om wildlife te spotten zijn 's morgens vroeg en 's avonds rond zonsondergang.

Geschiedenis

Archeologische vondsten hebben uitgewezen dat de Ottawa-vallei en het Algonquin-gebied al eeuwenlang bewoond werd door indianenstammen. De naam 'Algonquin' is dan ook ontleend aan de taal van een plaatselijke stam en betekent zoveel als 'op de plaats van speervissen en paling'. Aangezien het gebied erg noordelijk gelegen is, was het niet geschikt voor landbouw. De Algonquin-indianen leefden dan ook voornamelijk van de jacht en door hun stevige en wendbare kano's konden ze via de Ottawa-rivier handel drijven. Belangrijke handelspartners waren de Franse kolonisten, die zich vanaf de zestiende eeuw in het gebied begonnen te vestigen.

Toen het gebied in handen van de Britten kwam, sloten de Algonquin verschillende verdragen met de Britten en zouden ze aan Britse zijde meevechten tijdens de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog en de Oorlog van 1812. Veel dank ontvingen ze niet voor hun bondgenootschap: de Algonquin moesten namelijk met lede ogen aanzien hoe steeds meer grond werd ingenomen door nieuwe Britse kolonisten. In 1822 werd zelfs achter hun rug om het grootste gedeelte van het overgebleven gebied verkocht.

Vanaf het eind van de negentiende eeuw werd het leefgebied nog verder ingeperkt door de komst van houthakkers, die naar Algonquin kwamen om er grote sparren te kappen. In die tijd bestond er namelijk, voornamelijk door de sterk groeiende Britse economie, grote vraag naar grenenhout. De houthakkers leefden in kleine, primitieve hutjes en in de lente vervoerden ze de grote grenen houtblokken over de Ottawa-rivier naar fabrieken waar het grenen verder bewerkt zou worden.   In 1893 werd Algonquin opgericht om een reservaat voor wilde dieren te creëren, de houtkap te stoppen en om de bovenlopen van vijf grote rivieren te beschermen. Als snel werd het park ontdekt door toeristen. Het duurde niet lang voordat grote groepen per trein toestroomden. Dat het park begin twintigste eeuw vaak vereeuwigd is door de bekende kunstenaar Tom Thomson en The Group of Seven, een groep Canadese landschapschilders, droeg ook bij aan de populairiteit.

Meld je nu gratis aan voor ons webinar over Zuidwest-Amerika.
Klik voor meer info!
Meld je nu gratis aan voor ons webinar over West-Canada.
Klik voor meer info!