2003: Spaceshuttle Columbia verongelukt

In 2003 vertrekt spaceshuttle Columbia op een zeventiendaagse missie. Alles lijkt vlekkeloos te verlopen, totdat de door zeven astronauten bemande shuttle zijn landing inzet. Door een explosie valt de gehele spaceshuttle uit elkaar en is de bemanning op slag dood.

Voorgeschiedenis

Het is niet voor het eerst dat een bemande spaceshuttle verongelukt. In 1986 gaat het bij de Challenger al na ruim een minuut na de lancering mis. Onder het oog van duizenden mensen die de ruimtelancering volgen gaat de shuttle in vlammen op en de zevenkoppige bemanning overleeft de explosie niet. Na het ongeluk is er veel aandacht voor de reden van het falen en de veiligheid van ruimteshuttles. Er blijkt gas te zijn ontsnapt door een slechte afsluitring op een van de brandstofraketten. Het shuttleprogramma wordt enkele jaren helemaal stilgelegd voor verder onderzoek. De aandacht ligt vooral op het verbeteren van toekomstige modellen. Omdat er vermoedens bestaan dat de astronauten na de explosie nog in leven waren, worden er ook verbeteringen aangebracht in de ontsnappingsprocedure. Als blijkt dat de NASA al van tevoren op de hoogte was van mogelijke problemen met de afsluitringen, wordt ook de organisatie op de schop gegooid.

Spaceshuttle Columbia verongelukt

De Colombia

In 1975 bouwt Rockwell International de spaceshuttle Columbia. De shuttle doet vanaf 1981 jaren zonder problemen dienst, maar ondanks alle aandacht voor de veiligheid inspecties gaat het in 2003 mis. Bij de lancering op 16 januari is te zien hoe er een stuk schuim afbreekt en vervolgens de linkervleugel raakt. Na bestudering van de beelden om vast te stellen of er schade en risico is ontstaan, concludeert de NASA dat er geen reden is voor ongerustheid. De missie wordt vervolgd.

De ruimtereis loopt voorspoedig en op 1 februari maakt de Columbia zich klaar voor de terugreis naar de aarde. De afdaling richting Californië wordt zonder problemen ingezet. Een half uur voor de terugkeer van de Colombia krijgt de NASA echter de eerste signalen binnen dat er iets fout gaat met de spaceshuttle. De temperatuursensoren op de linkervleugel blijken te zijn uitgevallen. Dit defect is niet direct een reden tot paniek. Wanneer meer sensoren, waaronder die in het landingsstel, het ook begeven, weet men dat het mis is. Het is lastig te achterhalen wat het probleem precies is, omdat ook de communicatie met de spaceshuttle helemaal wegvalt. Slechts een minuut nadat het contact met de bemanning verloren is gegaan, explodeert de shuttle en valt het in stukken uiteen boven Texas. De bemanning overleeft het niet.

De oorzaak

De NASA start een onderzoek om de aanleiding van de explosie te achterhalen. De Colombia beschikt niet over een zwarte doos, dus er worden zo veel mogelijk stukken puin van de spaceshuttle bij elkaar gezocht in de hoop dat deze meer kunnen vertellen. Ook wordt er een onderzoek gestart naar het losvliegende stuk schuim dat al eerder op de videobeelden te zien was. Na een nieuwe analyse van de beelden en een reeks experimenten, blijkt het probleem in de isolatie van het voertuig te zitten. Bij de start breken er stukjes isolatieschuim af van de tank en door de extreme kracht waarmee de shuttle wordt gelanceerd, beschadigen de brokstukken het hitteschild op een van de vleugels. Hierdoor is de shuttle niet meer bestand tegen de hitte die wordt veroorzaakt door wrijving in de dampkring. Tijdens de landing dringt gloeiend hete lucht de linkervleugel binnen, waardoor verschillende sensoren het begeven. In het voertuig ontstaat er bovendien een extreme luchtdruk, die de spaceshuttle uiteindelijk geheel uit elkaar laat barsten.

Uit het onderzoek naar de ramp met de Colombia komt wederom naar voren dat de NASA al bekend was met de problemen met het isolatieschuim. Het is al eerder voorgekomen dat het hitteschild beschadigde tijdens een vlucht, maar dit werd door het management van de NASA gezien als een acceptabel risico. De onderzoekscommissie stelt vast dat dit te maken kan hebben met de grote druk die er wordt gelegd op het bijtijds afronden van projecten. Ook grote bezuinigingen en personeelsverlies binnen de NASA worden aangedragen als factoren die mee hebben gespeeld in het oordeel van de organisatie. Hoewel dit geen directe aanleiding is geweest voor het ongeluk van de Colombia, heeft het wel indirect bijgedragen aan de afloop.

Voorbeeld stuk schuim van hitteschild

Na het ongeluk

Na het fatale ongeluk in 1986 met de Challenger, komt de ramp met de Columbia in 2003 hard aan bij de NASA. Ook dit keer is de organisatie vastbesloten te leren van de gemaakte fouten en aan de hand van de onderzoeksresultaten wordt er opnieuw actie ondernomen om spaceshuttles te verbeteren. Een reeks rapporten met aanbevelingen komt voort uit het onderzoek. Zo worden er plannen aangedragen voor nieuwe ruimtepakken en nieuwe shuttles en volgen er adviezen die de overlevingskansen van de bemanning in crisissituaties moet verbeteren. Ter bevordering van de veiligheid worden er diverse zaken toegevoegd aan de inventaris, waaronder een reparatiekit voor het hitteschild en een speciale camera waarmee de onderkant van de shuttle kan worden geïnspecteerd tijdens de vlucht.

Het duurt door de kritische onderzoeken naar de veiligheid van de shuttles en inspectieprotocollen tweeënhalf jaar voordat de NASA haar drie overgebleven spaceshuttles (Discovery, Atlantis en Endeavour) opnieuw in gebruik neemt. Ondanks enkele missies die nog worden uitgevoerd, lijkt de ramp met de Columbia het einde te betekenen voor het gebruik van de voertuigen. Met het oog op snelle ontwikkelingen in de technologie, wordt door onderzoekscommissies vastgesteld dat de bestaande spaceshuttles met hun twintig tot bijna dertig jaar relatief oud zijn. In 2011 landt de Atlantis als allerlaatste spaceshuttle ooit weer veilig op aarde. De NASA werkt ondertussen hard aan een verbeterde opvolger van de spaceshuttle.

2002: Oprichting Guantanamo Bay2003: Irakoorlog