1861: Begin Amerikaanse Burgeroorlog

Er is tegenwoordig nog steeds veel onduidelijkheid over de directe aanleiding van de Amerikaanse Burgeroorlog. De oorlog kan het nog het beste beschouwd worden als een escalatie van de inmiddels hoogopgelopen spanningen tussen de Noordelijke staten (de Unie) en de Zuidelijke staten (de Confederatie). De oorlog duurde van 1861 tot 1865 en eiste vele levens.

Aanleiding

Met de uitbreiding van het Amerikaanse grondgebied in westelijke richting rees de vraag bij welke partij deze nieuwe staten zouden horen en hoe er met de kwestie van de slavernij zou worden omgegaan. Abraham Lincoln riep tijdens zijn beëdiging tot president de afgescheiden Zuidelijke staten op om de banden met de Unie te herstellen. Hij wilde slechts de uitbreiding van de slavernij richting het westen tegengaan en zou de kwestie van de slavernij dan verder laten rusten in het Zuiden. Voor de Confederatie was dit echter niet genoeg. Om haar woorden kracht bij te zetten verklaarde South Carolina het federale fort Fort Sumter voortaan als een vijandige bezettingsmacht op haar eigen grondgebied. Op 12 april 1861 ging de militie van South Carolina in de aanval tegen de federale soldaten van Fort Sumter, totdat zij zich overgaven. Abraham Lincoln reageerde op deze aanval met een proclamatie waarin hij vrijwilligers oproep om drie maanden in dienst te treden van het leger. De oorlog was een feit.

1861: Begin Amerikaanse Burgeroorlog

Eerste Slag bij Bull Run/Manassas

Zowel het Noorden als het Zuiden gingen met veel enthousiasme de oorlog in, beiden dachten ze de ander met gemak te kunnen verslaan. Gelet op het aantal inwoners en manschappen was het Noorden ruim in het voordeel: 22 miljoen inwoners tegenover negen miljoen voor het Zuiden, waarvan vier miljoen slaaf waren. Tijdens de oorlog vocht het Noorden met een totale legersterkte van zo’n 900.000 manschappen, het Zuiden had er hoogstens 500.000.

De eerste grote veldslag vond plaats in Virginia, op 21 juli 1861. De Geconfedereerde Staten noemden het de Slag bij Manassas (de dichtstbijzijnde stad, standplaats van het Zuidelijke leger), terwijl de Unionisten spraken over de Slag bij Bull Run (een nabijgelegen rivier, standplaats van het leger van de Unie). Het was de eerste veldslag waarbij de soldaten per trein vervoerd werden naar het front. Met 10.000 manschappen meer dan de Confederatie dacht het Noorden de slag makkelijk te kunnen winnen. Er waren zelfs toeristen uit Washington D.C. op de veldslag afgekomen de verplettering van dichtbij mee te kunnen maken.

Hier vergisten ze zich lelijk in. Op het eerste gezicht leek het Noordelijke leger inderdaad sterker te zijn, maar uiteindelijk waren het de Unionisten die de benen moesten nemen, terug naar het kamp. De Zuidelijke bevelhebbers, Generaal Beauregard en Thomas J. “Stonewall” Jackson, lieten president Lincoln inzien dat de oorlog niet zo snel voorbij zou zijn als hij eerder had gedacht. Jackson verdiende zijn bijnaam overigens tijdens deze veldslag, omdat zijn troepen als een muur bleven staan, ondanks verscheidene aanvallen van het Noordelijke leger.

Manassas NP

Het Anacondaplan

De Noordelijke generaal Winfield Scott kwam met een strategie om de oorlog in het voordeel van de Unie te beslissen met minimale verliezen, door de Geconfedereerde Staten van Amerika af te sluiten van de buitenwereld. Dit zou bewerkstelligd moeten worden met een zeeblokkade en het overnemen van de controle over de Mississippirivier. Het plan bestond uit twee delen: een blokkade van de kust en alle Zuidelijke havens om de export van katoen en andere producten tegen te houden en de import van oorlogsbenodigdheden stop te leggen en controleren van de Mississippirivier over haar gehele lengte, om zo de zuidwestelijke staten van de rest van het Zuiden af te snijden.

Toen Scott zijn plan voorstelde aan de Noordelijke regering, ontving hij in eerste instantie behoorlijk wat kritiek. Ook de pers maakte het belachelijk. Een wereldberoemde spotprent toont de kaart van Amerika met een gigantische zwarte slang langs de hele zuidelijke kust, die het land als het ware wurgt. De cartoon heet Scott’s Great Snake en heeft het plan haar naam bezorgd, het Anacondaplan.

Hoewel Lincoln en zijn regering het plan nooit officieel aangenomen hebben, zijn beide onderdelen van de strategie uitgevoerd. Al op 19 april 1861, een week na de val van Fort Sumter, riep Lincoln op tot een maritieme blokkade van het Zuiden, die al na zes maanden zeer succesvol bleek. Ondanks de vijf duizend kilometer kustlijn die bewaakt moest worden en de beperkte grootte van de Noordelijke marine, was de blokkade na twee jaar vrijwel ondoordringbaar.

Het tweede deel van het plan werd uitgevoerd onder leiding van een aantal Noordelijke generaals, waaronder generaal Ulysses S. Grant. Hoewel hij het plan in eerste instantie verworpen had, namen zijn troepen in de zomer van 1863 stukje bij beetje de controle over de Mississippi over, tot de val van Vicksburg en Port Hudson in juli van dat jaar. De blokkades in zowel de Mississippi als op open zee werden behouden tot het eind van de oorlog in 1865.

Omdat het plan nooit uitgevoerd is volgens het originele ontwerp, wordt het door veel historici een mislukking genoemd, hoewel ze het erover eens zijn dat de structuur van plan bijgedragen heeft aan het einde van de Burgeroorlog. Anderen zijn van mening dat het een geweldige strijdtactiek is. Zo is een soortgelijk plan een tijdje het hoofdplan van de Sovjet-Unie geweest, mocht het ooit tot een invasie van de Verenigde Staten komen tijdens de Koude Oorlog.

Anaconda Plan

Tweede Slag bij Bull Run/ Manassas

Tussen 28 en 30 augustus 1862 vond de Tweede Slag bij Bull Run plaats. Bij de rivier waar ook de eerste grote veldslag plaatsvond, ontmoette het Noordelijke leger, onder leiding van generaal-majoor John Pope, en het Zuidelijke leger, geleid door Thomas “Stonewall” Jackson en Robert E. Lee, elkaar voor een korte, maar heftige strijd. Hoewel het Noorden wederom ruim 10.000 soldaten in aantal overheerste, was een overwinning op voorhand niet zeker.

De veldslag kwam tot stand nadat Jackson en zijn soldaten een belangrijke Noordelijke opslagplaats geplunderd hadden bij Manassan Junction in Virginia en zo een belangrijke communicatie- en bevoorradingslijn van het Noorden hadden afgesloten. Na de plundering trok Jackson zich enkele kilometers terug en nam defensieve stellingen in bij Stoney Ridge. Op 28 augustus vielen ze een Noordelijke colonne aan die in de buurt haar kamp had opgeslagen. Diezelfde dag boekte een ander deel van het Zuidelijke leger, onder leiding van Lee, ook een kleine overwinning op het Noorden en marcheerde door naar de stellingen van Jackson.

John Pope, de leider van het Noordelijke leger van Virginia, besloot Jackson en zijn mannen te blokkeren en vanuit de blokkade te verslaan. Op 29 augustus viel hij met het grootste gedeelte van zijn leger de stellingen aan. De aanvallen werden afgeslagen met grote verliezen aan beide zijden. Later die dag arriveerde Lee en stelde zijn divisies op naast het gehavende leger van Jackson.

Op 30 augustus ging Pope verder met het aanvallen van het Zuidelijke leger, niet wetende dat deze versterkt waren met zo’n 25.000 soldaten van Lee. Het Noordelijke leger van Pope werd verpletterd door een verrassingstegenaanval van de nieuwe Zuidelijke soldaten en moest zich terugtrekken naar de rivier de Bull Run. Diezelfde avond nog bliezen ze de aftocht richting Centreville. De slag heeft zo’n 10.000 Noordelijke en bijna 8300 Zuidelijke soldaten het leven gekost.

Thomas Jackson

Slag bij Antietam/ Sharpsburg

Terwijl Pope en zijn verslagen leger terugmarcheerden naar Centreville, bereidde Lee de volgende aanval voor. Hij gaf Jackson de opdracht met zijn mannen een flankeerbeweging uit te voeren en zo een blokkade te vormen tussen Pope en Washington. Dit plan mislukte doordat Jackson en zijn leger terecht kwamen in de Slag bij Chantilly. Pope kon zonder kleerscheuren Centreville bereiken, al werd hij wel ontheven uit zijn functie.

Lee wijzigde zijn plan en trok snel op naar het Noorden, waar hij de rivier de Potomac overstak en op 3 september Maryland binnenviel. Hier wilde Lee zijn leger opnieuw bevoorraden, de publieke opinie in deze staat beïnvloeden (de verkiezingen kwamen eraan) en vrijwilligers werven voor zijn leger (veel bewoners van Maryland sympathiseerden met de Confederatie). Toen bleek dat er weinig animo was voor de plannen van Lee vanuit de inwoners van de Noordelijke staat, gooide hij het over een andere boeg. Veel Zuidelijke politici, zoals de president van de Geconfedereerde Staten, Jefferson Davis, geloofden dat een Zuidelijke overwinning op Noordelijk grondgebied bij zou dragen aan erkenning van de Confederatie vanuit Europa.

De Noordelijke generaal-majoor George McClennan probeerde met zijn 90.000 man tellende leger de marsroute van Lee en zijn mannen af te snijden. Tijdens deze poging, die tot op dat moment weinig succesvol was, vonden twee van zijn soldaten een pakje sigaren met daarin een briefje met de orders van generaal Lee, waarschijnlijk verloren door een Zuidelijke koerier. Hoewel McClennan met deze gedetailleerde strijdplannen en snel handelen de kans had het Zuidelijke leger van Lee definitief te verslaan, greep hij deze niet.

In de vroege ochtend van 17 september 1862 viel McClennan meermaals de defensieve stellingen van Lee bij Antietam Creek aan. Gedurende de hele dag volgden er aanvallen en tegenaanvallen over en weer. Hoewel het Noorden meermaals aan de winnende hand was, lieten zij veel kansen onbenut, waardoor het leger van Lee stand kon houden. Het Noordelijke leger was bijna twee keer zo groot, maar omdat McClennan zijn soldaten slechts mondjesmaat liet vechten en Lee telkens zijn hele leger inzette, bleef de strijd lange tijd onbeslist.

Uiteindelijk kon Lee zijn sterk uitgedunde leger terug laten trekken over de Potomac zonder al te veel nieuwe verliezen. McClennan handelde te voorzichtig en slaagde er daardoor niet in het Zuidelijke leger te verpletteren. De invasie van Lee in Maryland was echter wel voorbij. Hoewel de strijd eigenlijk niet duidelijk gewonnen was door het Noorden, betekende het toch een strategische overwinning. In elk geval gaf de Slag bij Antietam president Lincoln voldoende vertrouwen om zijn Emancipatieproclamatie aan te kondigen.

De Slag bij Antietam was de eerste grote veldslag op Noordelijk grondgebied en de bloedigste die in één dag is uitgevochten in de geschiedenis van de Verenigde Staten, met ruim 23.000 doden. Dit betekende dat zo’n 25% van de Noordelijke en 31% van de Zuidelijke soldaten was uitgeschakeld. Veel historici vragen zich nog steeds af wat er gebeurd zou zijn als McClennan niet die cruciale achttien uur getreuzeld had en de gevonden tactiek van het Zuiden had meegenomen in zijn aanvalsplannen.

George McClannan

Proclamation of Emancipation

Omdat de Burgeroorlog nu al zo’n anderhalf jaar voortduurde en zowel het Noorden als het Zuiden niet bepaald aan de winnende hand was, probeerde president Lincoln via politieke wegen voor een ommekeer in de oorlog te zorgen. Op 22 december 1862 kondigde hij de Emancipatieproclamatie aan door de volgende voorlopige verklaring uit te brengen: als de Confederatie niet voor 1 januari 1863 de vrede had ondertekend, zou Lincoln alle slaven uit het Zuiden vrij verklaren. Het Zuiden had dus 8 dagen om vrede te sluiten met het Noorden, al verwachtte Lincoln eigenlijk niet dat het Zuiden dit zou doen.

Zijn vermoeden klopte, dus vaardigde hij op nieuwjaarsdag 1863 de Emancipatieproclamatie uit. In deze wet stond dat de slavernij was afgeschaft in de volgende staten: Arkansas, Texas, Mississippi, Alabama, Florida, Georgia, North- en South Carolina en de grootste delen van Virginia en Louisiana. In andere woorden: op de grensstaten na, was de slavernij voortaan afgeschaft in alle Geconfedereerde Staten.

Hoewel de nieuwe wet natuurlijk alleen nageleefd kon worden in de staten die in handen waren van de Noordelijke legers, was de proclamatie zeer effectief. De grote mogendheden uit Europa, Frankrijk en Groot-Brittannië, waren tegen de slavernij en schaarden zich na 1 januari 1863 definitief achter het Noorden. Demonstraties van Engelse arbeiders dwongen de Britse regering om de productie en export van oorlogsmateriaal voor het Zuiden te staken en de nieuwe vrijheid van de Zuidelijke slaven zorgden daar voor grote tekorten, omdat zij niet langer werkten voor hun eigenaren.

In het Noorden werd er door duizenden mensen feestgevierd vanwege deze vooruitgang in de afschaffing van de slavernij. Opvallend was dat in het Noorden de slavernij nog wel toegestaan was. Abolitionisten waren daar zeer ontevreden over. In het Zuiden stroomden de plantages leeg waar slaven over de proclamatie hoorden of het Noordelijke leger terrein veroverde. Veel inmiddels vrije slaven gingen het leger in. Toch bleef er discriminatie: de negersoldaten vochten in aparte regimenten en verdienden lagere soldij dan blanken. De Burgeroorlog was nog lang niet afgelopen.

Proclamation of Emacipation
1860: Pony Express1862: Homestead Act