1995: Oklahoma City Bombing

Op 19 april 1995 ontploft een autobom bij het overheidsgebouw Alfred P. Murrah in de Amerikaanse stad Oklahoma City. De explosie verwoest een groot deel van het gebouw en beschadigt auto's en omringende woningen. Door rondvliegend glas en het instorten van de toren komen bijna 170 mensen om het leven, nog eens 700 anderen raken gewond. Binnen enkele uren na de aanslag worden Timothy McVeigh en Terry Nichols opgepakt. Zij pleegden de aanslag uit wraak op de regering.

De aanslag

De uitvoering van de aanslag op het Murrah-gebouw begint op 15 april 1995 wanneer McVeigh en Nichols onder een valse naam een busje huren. In de dagen daarna laden ze het vol met grote hoeveelheden ammoniumnitraat en nitromethaan. Met deze relatief simpel in handen te krijgen chemicaliën, plastic emmers en een weegschaal weten zij het explosieve mengsel ANNM tot stand te brengen. McVeigh bevestigt een dubbele ontsteking en extra explosieven voor het geval het mengsel niet werkt.

In de vroege ochtend van 19 april parkeert McVeigh het gehuurde busje voor het Murrah-gebouw, ontsteekt de bommen en maakt zich uit de voeten met een vluchtauto. Om ongeveer negen uur ontploft de bom. Door de klap wordt een groot deel van het gebouw geheel weggeblazen. Andere delen raken zwaar beschadigd, evenals gebouwen in de directe omgeving en bijna honderd auto's die in de omringende straten staan geparkeerd. De klap, gelijk aan een aardbeving met een kracht van 3,0 op de schaal van Richter, is tot negentig kilometer verderop te horen. Er wordt bijna tweeduizend keer naar het alarmnummer gebeld. In het gebouw zelf vallen 163 slachtoffers, vijf anderen sterven aan de gevolgen van de explosie in de omgeving. Veel mensen raken gewond door rondvliegend glas en brokstukken. Tot de aanslagen op het World Trade Center is dit de grootste terroristische aanslag ooit binnen de Verenigde Staten.

Verwoesting Murrah-gebouw

Reddingswerkzaamheden

Niet lang na de ontploffing komen de reddingswerkzaamheden op gang. Deze worden tijdelijk stopgezet wanneer men een tweede bom vindt. De werkzaamheden duren uiteindelijk voort tot 4 mei middernacht. Veel particulieren en burgers bieden hulp met kruiwagens, vers water en helmen. Een plaatselijke catering verzorgt vrijwillig de maaltijden voor de reddingswerkers. Op drie vermisten na wordt iedereen teruggevonden. Vroeg in de ochtend van 5 mei worden de resten van het gebouw opgeblazen en wordt het puin weggeruimd.

Arrestaties

Anderhalf uur na de aanslag wordt Timothy McVeigh gearresteerd omdat hij in een auto zonder kentekenplaat rijdt en een wapen in bezit blijkt te hebben. Via het identificatienummer van het busje kan hij uiteindelijk worden gekoppeld aan de aanslag in Oklahoma. Zijn handlanger Terry Nichols geeft zich twee dagen later aan bij de FBI. Na een negen uur durend verhoor worden de motieven duidelijk: het gaat om een anti-regeringsaanslag.

President Clinton reageert op de daad en noemt deze 'lafhartig' en 'duivels'. Ook zegt hij dat de Verenigde Staten daden als deze niet zullen tolereren. Er komt een Murrah-fonds van de grond dankzij giften van landelijke overheidsinstellingen en particulieren, waarmee slachtoffers geholpen kunnen worden en de schade kan worden hersteld.

Timothy McVeigh

Daders en motieven

Timothy McVeigh en Terry Nichols ontmoeten elkaar in 1988, wanneer zij korte tijd werkzaam zijn voor het leger. Het blijkt dat ze veel overeenkomstig hebben en ze raken met elkaar bevriend. Beiden zijn opgegroeid op het platteland en hebben een racistische politieke ideologie. Ze hebben interesse in wapencollecties en verheerlijken de gedachte aan een burgerleger dat zich verzet tegen de regering. Na hun dienstperiode zetten ze een tijdelijke wapenhandel op.

De haat die de twee tegen de regering koesteren, wordt versterkt in de periode dat zij in het leger zitten. Nichols heeft dan al vaak van baan gewisseld en heeft weinig stabiliteit in zijn leven. In de plaats waar hij opgroeit, is haat tegen de regering niets nieuws. Er worden bijeenkomsten georganiseerd door clubs die weerstand tegen de regering bieden. De haat van McVeigh neemt toe met de almaar hoger wordende belastingen en twee mislukte invallen van de FBI in de jaren negentig. Het gaat om invallen bij respectievelijk Randy Weaver en de sekte Branch Davidians. Randy Weaver weigerde voor de rechter te verschijnen, waarop de FBI zijn huis omsingelde en er een schietpartij losbarstte. De media leggen op de dag van de aanslag op het Murrah-gebouw direct de link naar dit incident, dat exact een jaar eerder plaatsvond. Het andere incident dat anti-regeringsgevoelens bij McVeigh oproept, is de mislukte inval van de FBI in 1992 bij de Branch Davidians waarbij tachtig leden van de sekte omkomen.

Terry Nichols wordt gezien als de handlanger van McVeigh en zij zouden zijn geholpen door Michael Fortier. Fortier heeft niet direct meegeholpen bij de aanslag, maar wist ervan en heeft verzuimd de autoriteiten op tijd te waarschuwen. Omdat hij echter besluit te getuigen tegen de anderen krijgt hij uiteindelijk een lagere straf opgelegd.

Terry Nicols

Gevolgen

In de weken na de aanslag worden er bij belangrijke federale gebouwen veiligheidsmaatregelen getroffen. Betonnen muurtjes moeten voorkomen dat auto's dicht bij overheidsinstanties geparkeerd kunnen worden en nieuwe bouwprojecten moeten bestand worden gemaakt tegen explosieve krachten.

De verdediging van McVeigh tijdens zijn proces luidt dat zijn daad een onvermijdelijke verdediging tegen de regering was, wegens mogelijk dreigend gevaar. Hij wilde verdere misdaden van de regering en vooral de FBI voorkomen. Nichols wordt uiteindelijk veroordeeld wegens onder andere het ontwikkelen van wapens en het moedwillig indirect doden van honderden burgers en medewerkers van de overheid. Op 11 juni 2001 wordt McVeigh geëxecuteerd. Nichols krijgt een levenslange gevangenisstraf. Fortier wordt veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf en een boete van 200.000 dollar. Na tien jaar te hebben uitgezeten, is hij onder een nieuwe identiteit inmiddels weer op vrije voeten.

Op 19 april 2000, exact vijf jaar na de aanslag, wordt een monument onthuld op de plaats van het voormalig Murrah-gebouw. Het Oklahoma National City Memorial dient ter nagedachtenis aan de slachtoffers, overlevenden en reddingswerkers en is gelegen op de plaats waar het gebouw oorspronkelijk stond. In datzelfde jaar wordt begonnen met de bouw van een nieuw Murrah-Building.

Kamer terechtstelling McVeigh
1993: Storm of the Century1995: Heat Wave Chicago