1912: De Titanic zinkt

Het begin van de twintigste eeuw kenmerkt zich door een enorme technische vooruitgang. Naast nieuwe transportmiddelen zoals het vliegtuig, zijn ook al bestaande vervoersmiddelen zoals het schip aan grootse veranderingen onderhevig. Zo worden er drie enorme stoomschepen ontworpen, waarvan de Titanic de tweede in de reeks is. Voor veel geld kunnen mensen meevaren op dit indrukwekkende schip dat van Europa naar New York vaart. Helaas zou de Titanic deze bestemming nooit bereiken. Ondanks het feit dat er in de afgelopen eeuw scheepsrampen zijn gebeurd die meer levens hebben geëist, geldt het verhaal van de ‘onzinkbare Titanic’ als een modern volksverhaal dat de inspiratie is geweest voor vele boeken en films.

De bouw van de giganten

Aan het begin van de twintigste eeuw is er veel competitiestrijd onder scheepsbouwkundigen om alsmaar grotere en betere ontwerpen af te leveren. Ook Bruce Ismay van de maatschappij de White Star Line laat zich hierin meeslepen wanneer hij in 1907 – het jaar dat de Cunard Line de enorme oceaanstomer de Lusitania te water laat – met William James Pirrie van de scheepswerf Harland and Wolff plannen smeedt voor de bouw van drie gigantische schepen die met een snelheid van ongeveer veertig kilometer per uur de Atlantische Oceaan over zullen steken.

De scheepsbouwkundigen Edward Wilding, Alexander Carlisle en Thomas Andrews werken het plan uit tot een definitief ontwerp voor drie schepen van de ‘Olympic-klasse’. De giganten kennen een brutoregistertonnage (de totale overdekte ruimte) van meer dan 50.000 m2 per schip, ongekend in die tijd. In 1908 vangt de bouw van de Olympic aan op de werf van Harland and Wolff in Belfast (nu Noord-Ierland) en een jaar later wordt ook de Titanic gebouwd. Het schip is ruim 269 meter lang, achtentwintig meter breed en zesenvijftig meter hoog. Twee viercilinderstoommachines en een stoomturbine kunnen het schip voortstuwen met een snelheid tot vierentwintig knopen (ongeveer vierenveertig kilometer) per uur. Drie scheepsschroeven zorgen ervoor dat het schip wendbaar is. In totaal kan het schip tot 3547 mensen vervoeren en kost de bouw van het schip de maatschappij anderhalf miljoen pond, wat omgerekend naar de maatstaven van nu ongeveer 350 miljoen euro zou zijn.

De Titanic

De uitrusting van de Titanic

In de middag van 31 mei 1911 wordt de Titanic te water gelaten om hier de laatste afwerkingen te kunnen voltooien. Het grootste werk zit nu nog in de inrichting van het schip en duizenden werkers bouwen hier gedurende een jaar aan. De eersteklas compartimenten worden omgetoverd tot indrukwekkende ruimtes waaronder suites met badkamers, een fitnessruimte, bibliotheek, balzalen met kroonluchters, chique eet- en rookzalen en een eersteklas privé promenadedek. Een deel van de eersteklas suites worden ingericht door de meubelfabriek van H.P. Mutters en Zoon uit Den Haag. Ook de tweedeklas en derdeklas ruimtes zijn in vergelijking met andere schepen indrukwekkend; zo slapen passagiers in de derdeklas niet op enorme slaapzalen maar in privéhutjes waar maximaal tien mensen verblijven. Bijzonder aan de Titanic is de nieuwe soort veiligheidsuitrusting, die het schip met behulp van deels automatische sluisdeuren de compartimenten kan afsluiten in het geval van een lek. Wanneer het verhaal van de Titanic nu wordt verteld, wordt erop gewezen dat men het schip ‘onzinkbaar’ zou hebben genoemd, er werd echter gesproken van ‘praktisch onzinkbaar’ in de media. Later zou er veel kritiek ontstaan over het feit dat er te weinig reddingssloepen aan boord zijn (twintig in plaats van vierenzestig) van de Titanic, die door de White Star Line voornamelijk uit esthetische overwegingen zijn teruggebracht naar het wettelijk verplichte minimum.

Luxe kroonluchter!

De ‘maiden voyage’

Voor het eerst zijn de media echt geïnteresseerd in een passagiersschip en op 10 april 1912 staat de kade in Southampoton, Engeland dan ook afgeladen met mensen die een glimp willen opvangen van de uitvaart van de Titanic. Er ontstaat een kleine opschudding en vertraging wanneer er in een van de stookkamers een kolenbrandje wordt ontdekt, gevaarlijk maar niet ongewoon in die tijd. De stokers proberen de situatie te stabiliseren en kapitein Edward Smith geeft hen uiteindelijk orders om de brand verder onder controle te krijgen op zee.

Het schip vaart eerst naar Cherbourg (Frankrijk) en Queenstown (Ierland) om uiteindelijk met 2240 mensen aan boord de koers richting New York te zetten. Aan boord zijn veel belangrijke bestuurders, rijke industriëlen en bekendheden, met White Star Line directeur Bruce Ismay en ontwerper Thomas Andrews als bijzondere gasten. Het personeel van de eersteklas passagiers verblijft grotendeels in de tweedeklas, samen met wetenschappers, journalisten en een enkele toerist. Het merendeel van de opvarenden – meer dan 700 – zijn echter derdeklas passagiers.

Artikel over Maiden vVyage

De aanvaring

Gedurende enkele dagen vaart de Titanic op snelheid richting New York, terwijl de gasten genieten van hun reis op het rijkelijk aangeklede schip. Op 14 april, vlak voor middernacht, komt hier verandering in. Via de draadloze Marconi telegraaf aan boord zijn er dan al enkele berichten van andere schepen geregistreerd, die waarschuwen voor ijs. De Titanic vaart tot dan toe in een ogenschijnlijk kalme zee onder een wolkeloze hemel, maar een uitkijk ziet plots recht voor het schip een ijsberg uit de nevel tevoorschijn komen en slaat alarm.

Onmiddellijk worden de motoren achteruit gezet en de Titanic maakt een scherpe bocht, waardoor het erop lijkt dat het schip zijdelings de ijsberg lichtjes schampt. Later wordt duidelijk onder water een enorme scheur is ontstaan in de lengte van het schip. Op het moment dat de kapitein samen met Andrews de schade vaststelt zijn al vijf compartimenten gevuld met water en de voorkant van de Titanic zakt vervaarlijk naar beneden. Andrews stelt vast dat de Titanic het hooguit nog anderhalf uur vol zal houden. De kapitein geeft orders om via de telegraaf hulp te vragen en laat de reddingsloepen klaarmaken. Het personeel blijft kalm maar is niet geoefend in het evacueren, waardoor er chaos ontstaat op het dek. Diverse sloepen varen uit terwijl er nog ruimte is voor mensen.

De Titanic blijft uiteindelijk nog drie uur drijven. White Star Line directeur Ismay weet aan boord te komen van een sloep, wat hem later veel verwijten op zou leveren. Andrews daarentegen wordt als laatst zittend in een van de rookkamers gezien en zou onder gaan met zijn ontwerp, evenals kapitein Smith die weigert ‘zijn’ schip te verlaten. Op vijftien april om twintig over twee in de nacht verdwijnen de laatste lichtjes onder water en wordt het stil. In de ochtend komt de Carpathia (van de Cunard Line) op de ramp plek aan en treft daar 705 overlevenden aan in sloepen en op brokstukken van het schip.

De Titanic zinkt

De nasleep

De vraag hoe een ‘praktisch onzinkbaar’ schip op de bodem van de oceaan eindigt, houdt veel mensen bezig na de ramp. Er wordt een grootschalig onderzoek gestart en alle overlevenden worden ondervraagd. Nog steeds bestaan er verschillende theorieën over de ware oorzaak van de ramp. Sommigen stellen dat het ontwijken van de ijsberg de fatale fout is geweest, waardoor het schip niet enkel schade aan de boeg opliep maar langs de hele zijkant. Anderen stellen de kolenbrand de aanstichter was, doordat de stokers op volle kracht moesten varen om de smeulende kolen weg te kunnen werken. Weer anderen stellen dat de waarschuwingen per telegraaf nooit goed doorkwamen omdat de privéberichten van passagiers de voorrang kregen.

De details van de ramp leiden tot grote discussies aan beide kanten van de oceaan en in 1913 wordt de eerste conventie voor veiligheid van leven op zee gehouden. Hier worden diverse afspraken gemaakt, waaronder de regel dat voor elke passagier een plek in een sloep moet zijn en dat evacuaties moeten worden gerepeteerd. Ook wordt er een internationale ijspatrouille opgericht die ijsbergen op zee in kaart brengt.

In 1985 is het wrak van de Titanic teruggevonden door een expeditie van Amerikanen en Fransen en een jaar later is onderzoeker Robert Ballard met een duikboot naar de zeebodem afgedaald om de eerste foto’s te maken. Ondertussen zijn er ruim 13.000 foto’s en diverse filmopnames van het wrak gemaakt, waar op te zien is dat in de twee delen van het schip de imposante eersteklas ruimtes nog zeer intact zijn. Sinds april dit jaar, precies honderd jaar na de ramp, valt het wrak onder de UNESCO conventie en protectie van cultureel erfgoed onder water, om het te beschermen tegen plundering.

Wrak Titanic

De legende

De Titanic is niet het enige schip dat in de vorige eeuw op tragische wijze ten onder ging. Zo is ook de Lusitana van de Cunard Line in 1915 gezonken door een Duitse torpedo, waarbij 1200 mensen om het leven komen. Het feit dat het verhaal van de Titanic een bijna mythische status heeft gekregen in onze cultuur, is wellicht te wijten aan het feit dat het een symbool is geworden voor menselijke overmoed. Het is een verhaal over ontzagwekkende technologie, die desondanks de strijd tegen de natuur heeft verloren.

1906: Susan B. Anthony1913: Armory Show New York