Verkiezingen winnen en toch verliezen

door Maurits van den Toorn ma 14 nov. 2016 14:15

Raar maar waar: in de Verenigde Staten kun je de verkiezingen winnen en vervolgens toch geen president worden. Hillary Clinton heeft het nu meegemaakt, zestien jaar geleden overkwam het Al Gore in zijn strijd tegen George W. Bush. Hoe dat kan? Het is allemaal het gevolg van een beslissing uit 1787.

White House, Washington DC

Stemmen op kiesmannen

Kiezers vullen in het stemhokje wel braaf de naam van hun keuze in, maar in feite stemmen ze niet op Clinton of Trump, om de actuele situatie als voorbeeld te nemen. Met hun stemmen geven ze mandaat aan een college van 538 electors oftewel kiesmannen om uit hun naam te stemmen op Clinton of Trump, of wie er maar presidentskandidaat is. Strikt genomen is de president nu ook nog niet gekozen. Dat gebeurt pas op 6 januari 2017 wanneer in een verenigde vergadering van het Congres, dus Huis van Afgevaardigden en Senaat samen, onder voorzitterschap van de huidige vicepresident (Joe Biden) de stemmen van de kiesmannen worden geteld.

Verzonnen in 1787

Waarom zo’n gecompliceerd systeem, terwijl de kiezers echt wel zelf in staat zijn om een keus te maken? Het is bedacht toen in 1787 in Philadelphia het hele staatsstelsel inclusief de Grondwet werd ontworpen. De Verenigde Staten bestonden toen nog meer dan nu uit afzonderlijke staten die een federatie met elkaar waren aangegaan, maar elkaar toch niet voor de volle honderd procent vertrouwden. De vrees was dat er bij directe verkiezingen zoveel meer stemmen in de grote staten zouden worden uitgebracht, dat een kandidaat uit een kleine staat nooit president zou kunnen worden. Bovendien: was de kiezer wel in staat om de juiste afweging te kunnen maken? Zou hij – het ging toen alleen nog om mannen – zich niet door emoties laten meeslepen?

Invloed verdelen

Overwogen is om de president door de leden van het Congres te laten kiezen, maar dat zou de trias politica kunnen verstoren. De wetgevende macht (Congres) kon zo (te) veel invloed op de uitvoerende macht (president) krijgen. De oplossing werd gevonden in de instelling van een Electoral College. De leden hiervan werden deskundiger geacht dan de kiezer en door de kleine staten relatief meer kiesmannen te geven dan de grote hielden die voldoende invloed. Inmiddels zijn de verschillen tussen kleine en grote staten nog veel groter dan eind achttiende eeuw, maar de regel geldt nog steeds. Wyoming met iets minder dan 600.000 inwoners heeft bijvoorbeeld drie kiesmannen, één per 200.000 inwoners. Californië met ruim 38 miljoen inwoners heeft er 55, wat neerkomt op één per 700.000 inwoners. Als je dezelfde verdeelsleutel zou aanhouden als voor Wyoming, dan zou Californië 190 kiesmannen hebben. Omgekeerd gerekend zou Wyoming er hooguit één hebben.

Afschaffing ondenkbaar

Ondanks de kritiek op het archaïsche systeem, die nu weer oplaait, is dit dan ook de reden waarom het niet gauw afgeschaft zal worden. Als de bevolking de president rechtstreeks zou kiezen, wordt de positie van de staten met veel inwoners nog sterker dan nu. De kleintjes zullen dan ook halsstarrig vasthouden aan het huidige systeem. De enige aanpassingen in het stelsel vinden om de tien jaar plaats op basis van volkstellingen. Daardoor verloren in 2010 onder meer Iowa, Louisiana en New York een of meer kiesmannen en kregen onder meer Arizona, Nevada en Georgia er een kiesman bij, Florida twee en Texas zelfs vier. Het gaat altijd om verschuivingen, want het totaal blijft 538 (= het aantal leden van het Congres plus drie voor Washington DC).

Stemmen zoals beloofd?

De vraag is: stemmen al die electors inderdaad zoals ze beloofd hebben? Meestal wel, ze zijn niet voor niets door hun partij naar voren geschoven. Als ze toch afwijkend stemmen, dan is er sprake van een faithless elector. In 29 staten en in Washington DC is dat wettelijk verboden, al is de straf buitengewoon mild, hooguit een boete. Je bent namelijk al een faithless elector als je een vergissing maakt, bijvoorbeeld een naam niet goed schrijft of de namen van de president en de vicepresident in de verkeerde hokjes zet (het is voorgekomen!). Het kan ook een bewuste keuze zijn als vorm van protest. Zo stemde in 2000 een van de drie kiesmannen van Washington DC (een vrouw in dit geval) blanco uit protest dat de inwoners van de hoofdstad niet mogen stemmen voor het Congres. Dergelijke acties hebben nooit verandering gebracht in de uitslag.

Faithless Elector

Tot dusverre is er in de geschiedenis van de Verenigde Staten 157 keer sprake geweest van een faithless elector. Dat maakt meteen duidelijk dat het niet verstandig is erop te hopen dat het kiescollege dit keer tot een andere keuze zou komen. Trump heeft 290 kiesmannen binnengehaald en Clinton 228, zodat er minstens 62 kiesmannen anders zouden moeten stemmen dan volgens hun mandaat. Dat gaat echt niet gebeuren.