Martin Van Buren

Portret van president Martin Van Buren (1837-1841), president van de Verenigde Staten Martin Van Buren was de achtste president van de Verenigde Staten, van 1837 tot 1841. Als zoon van Nederlandse immigranten groeide hij uit tot een gewiekste politicus en een van de stichters van de hedendaagse Democratische Partij. Na zijn presidentschap brengt Van Buren enkele jaren door in Europa, om zich uiteindelijk terug te trekken op zijn landgoed in Kinderhook, waar hij tot zijn dood verblijft.

Voor presidentschap

Jeugd van Van Buren

Martin was de zoon van de Nederlander Abraham van Buren, een boer en herbergier. Zijn Nederlandse afkomst gaat echter verder terug, tot zijn opa die in 1661 vanuit het Gelderse Buren naar Amerika emigreerde. Ook zijn vrouw was een Nederlandse. Martin trouwde met Hannah in 1807, maar zij sterft aan tuberculose in 1819, waarna Martin tot zijn dood een weduwnaar blijft.

Zoals veel presidenten, begon Martin zijn carrière als advocaat. In zijn geboorteplaats Kinderhook, New York, had hij vanaf 1803 zijn eigen praktijk. In veel andere opzichten symboliseerde Martin echter het veranderende Amerika. Hij zou de eerste president worden die geboren was in een onafhankelijke Amerikaanse staat. Ook was hij de eerste president die niet van Britse afkomst was en Engels niet als eerste taal sprak.

Het geboortehuis van president Martin van Buren in Kinderhook, New York

Politiek

Vanaf 1812 werd hij politiek actief. Eerst in zijn staat als senator, waar hij twee termijnen uitzat. Zijn politieke talent leverde hem snel vooruitgang op. In deze periode werd hij ook verkozen tot procureur-generaal voor zijn staat, om vanaf 1921 zijn staat te vertegenwoordigen in de Amerikaanse Senaat.

Het was tijdens zijn toetreding tot de landelijke politiek dat Van Buren de grondslagen legde van de beweging die later de basis zou vormen voor de Democratische Partij. Na zijn verkiezing richtte hij onder de naam Albany Regency een nog vrij informele politieke organisatie op. Van Buren ziet zichzelf dan nog als volgeling van Thomas Jefferson. In de Senaat maakt hij dan nog gewoon deel uit van de Jeffersoniaanse factie binnen zijn Republikeinse partij. In zijn standpunten deelde hij dan ook veel Republikeinse idealen, zoals de voorliefde voor een zwakke federale regering.

Zijn koers veranderde echter toen John Quincy Adams president werd in 1824. Samen met de latere president Andrew Jackson en de diplomaten, William H. Crawford en John C. Calhoun begint hij een nieuwe politieke organisatie, die al snel de naam Democratic Partij krijgt.

Na 1828 krijgt Van Buren een turbulente politieke carrière op. Hij geeft zijn zetel in de Senaat op om zich verkiesbaar te laten stellen als gouverneur van New York. Die verkiezing wint hij, maar als zijn partijgenoot Andrew Jackson de presidentsverkiezing wint, legt hij het gouverneurschap al na twaalf weken neer. In plaats daarvoor accepteert hij de functie van Minister van Buitenlandse Zaken in Jacksons kabinet. Martin van Buren is een van de namen die genoemd wordt als schuldige voor het bevorderen van wat ‘political patronage’ wordt genoemd: politieke steun tijdens de verkiezingen achter belonen met het toedelen van politieke functies.

Portret van president Martin Van Buren

Tijdens presidentschap

De Whig Party

Van Buren blijft minister tot 1831, om het jaar erop gekozen te worden als vicepresident. Binnen de Democratische partij streed hij tegen de zittende president Andrew Jackson om het kandidaatschap. Dat hij deze won, dankt hij aan zijn oppositie tegen de voortzetting van de centrale Bank of the United States. Daarop werd Van Buren unaniem gekozen als Democratische kandidaat. Het winnen van de presidentsverkiezingen in 1837 was evenmin een groot obstakel, vanwege de ingestorte Republikeinse Partij en de versplinterde Whig Party.

Van Burens presidentschap verloopt echter minder voorspoedig. De president kampt met een economische crisis als erfenis, die een hoogtepunt bereikt door de kredietverschuivingen van de Central Bank of the United States richting de verschillende staatsbanken. De problemen maken Van Buren erg impopulair, als hij in 1840 voorstelt om het krediet van de centrale bank te verplaatsen naar een ‘onafhankelijke schatkist’. Veel aanhangers van de Democratische Partij zien er zelfs reden in om over te stappen naar de Whig Party.

Martin van Buren als president van de VS

Nog meer tegenslagen

Het is niet de enige tegenslag voor Van Buren. Ook de slopende en steeds langer voortdurende oorlog in Florida tegen de Seminole-indianen werpt een schaduw op zijn presidentschap. Dat hij er niet in slaagt om de voorgestelde annexatie van de nieuwe staat Texas te steunen, wordt hem evenmin in dank afgenomen. Wat zijn historische imago eveneens schaadt, is dat hij zich in 1840 tegen de Afrikaanse slaven keerde die terecht werden gesteld voor deelname aan de muiterij in Amistad van 1839. Zo hoopte hij in de gunst te vallen van de vele kiezers die tegen de afschaffing van slavernij waren.

Seminole War tijdens de regeerperiode van president Martin Van Buren

Slavernij en de Free Soil Party

Het standpunt dat Van Buren innam over slavernij is nooit eenduidig geweest. Hoewel hij opgroeide bij een vader die zelf zes slaven had, heeft hij regelmatig te kennen gegeven dat hij slavernij als moreel onrechtvaardig beschouwde. Ook was hij later presidentskandidaat voor de fel tegen slavernij gekeerde Free Soil Party en stemde hij tegen de toetreding van de staten Missouri en Texas omdat deze slavernij bedreven. Daarentegen was Van Buren wel een uitgesproken tegenstander van de nationale afschaffing ervan. Een verklaring voor die tegenstrijdige standpunten is dat Van Buren persoonlijk niet in kon stemmen met slavernij, maar veel respect had voor de Amerikaanse constitutie, die staten en burgers nu eenmaal het recht gaven slaven te houden.

Campagne-affiche Free Soil Party

Na presidentschap

Na het presidentschap

Hoewel hij door de Democraten wederom unaniem tot presidentskandidaat wordt gekozen, is het niet verwonderlijk dat Martin van Buren in de verkiezingen van 1840 nauwelijks steun krijgt. Hij wordt overtuigend verslagen door de Whig-kandidaat William Henry Harrison. Vier jaar later stelt Van Buren zich echter opnieuw kandidaat. De Democratische Partij is echter diep verdeeld over de vraag of Texas deel moet worden van de Verenigde Staten. Van Buren is tegenstander van de inlijving, wat hem uiteindelijk de kandidatuur kost. Dit betekent feitelijk het einde van zijn politieke carrière. Hoewel hij in 1848 presidentskandidaat wordt voor de Free Soil Party, bestaande uit voormalige Democraten en Whigs die zich verenigen in hun standpunt tegen slavernij, haalt hij slechts tien procent van de stemmen. De inmiddels 66-jarige Van Buren brengt vervolgens enkele jaren door in Europa, om zich uiteindelijk terug te trekken naar zijn landgoed in Kinderhook, waar hij tot zijn dood verblijft.

Bordje bij geboortehuis van Van Buren in Kinderhook, New York