Stephen Grover Cleveland

Portret van president Stephen Grover Cleveland, president van de VS van 1885-1889 en 1893-1897 Stephen Grover Cleveland (1837-1908) was tussen 1885 en 1889 de 22e en tussen 1893 en 1897 de 24e president van de Verenigde Staten. Vanwege zijn omvang kreeg hij de bijnamen 'Big Steve' en 'Uncle Jumbo'. Cleveland was een Democratisch politicus. Hij was de enige president die zijn inauguratietoespraak compleet uit zijn hoofd deed.

Voor presidentschap

Jeugd

Grover Cleveland werd geboren op 18 maart 1837 te Caldwell, New Jersey, als vijfde van in totaal negen kinderen. Zijn vader Richard Cleveland was een aan Yale opgeleide dominee. Al vroeg verhuisde het gezin naar New York, waar Cleveland het grootste deel van zijn jeugd doorbracht. Op zijn zestiende jaar overleed zijn vader, waardoor hij zijn grootste droom – naar de universiteit gaan – op moest geven om het gezin financieel te ondersteunen. Samen met zijn oudere broer werkte hij in het centrum van New York als winkelbediende. Later kon hij zijn werk combineren met een parttime studie rechten in Buffalo. Ondanks dat hij de universiteit nooit heeft gehaald werd hij in 1858 op tweeëntwintig jarige leeftijd toch toegelaten als advocaat bij de federale rechtbanken en de staat. In die tijd groeide Cleveland al aardig hard in omvang; iets wat later zou zorgen voor de bijnamen 'Big Steve' en 'Uncle Jumbo'.

Aanloop carrière

Tijdens de Burgeroorlog (1861-1865) was Cleveland in dienst als hulpofficier voor Erie County. Hij ontweek de militaire dienst in die oorlog door voor 0 een vervanger in te huren, wat in die tijd heel veel geld was. Dit werd hem later wel kwalijk genomen, het werd als laf en lui ervaren. Toch heeft Cleveland wel de reputatie van een hard werkende en slimme advocaat. Tijdens zittingen kon hij zijn argumenten vlekkeloos verwoorden, terwijl hij het allemaal uit zijn geheugen haalde. Ook is hij de enige president die zijn “Inaugural Addresses” compleet uit zijn hoofd deed.

In 1870 werd Cleveland verkozen tot sheriff van Erie County. Hierdoor kwam hij voor het eerst in zijn leven in aanraking met de politiek. In 1881 werd hij door de Democratische partij in Buffalo gevraagd om zich verkiesbaar te stellen voor het burgemeesterschap. De lokale Democratische partij bestond toen uit veel oude leden, waardoor Cleveland voor een nieuw gezicht en tevens frisse wind zorgde. Hierdoor werd hij ook gekozen als burgemeester, een positie die hij uitzonderlijk goed bekleedde. Binnen een jaar drong hij de corruptie in de stad terug en gebruikte zijn recht om met veto te stemmen voor zaken die hij als zeer belangrijk inschatte. Ook zorgde hij voor nieuwe maatstaven voor efficiëntie binnen de raad van Buffalo. Hij werkte altijd hard, wat opgemerkt werd door de leiders van de Democratische partij van Buffalo. Hij werd dan ook genomineerd voor het gouverneurschap van de Democratische Partij in New York. Door de vele stemmen die hij kreeg mocht hij zichzelf installeren in de governor’s mansion. Hier gebruikte hij dezelfde strategie als in Buffalo; hard werken, het benutten van zijn vetorecht en het bestrijden van corruptie. Door deze strategie werd hij door het gehele land gezien als een nieuwe, frisse, pragmatische harde werker die het wel eens heel goed zou kunnen doen tijdens de verkiezingen van 1884.

Tijdens presidentschap

Waarom won Cleveland van Blaine?

Cleveland won de verkiezingsstrijd van de Republikeinse kandidaat James G. Blaine door een aantal belangrijke redenen: 1) Hij kreeg veel support vanuit de middenklasse van beide partijen door zijn strijd met Tammany Hall (een patriottistische organisatie die zich inzette voor het behoud van Democratische idealen, maar erg corrupt was). 2) Zijn werkhouding van hard en efficiënt werken zorgde voor vertrouwen vanuit aanhangers van beide partijen. 3) Als derde en misschien wel de belangrijkste reden; omdat hij al een aantal jaren succesvol gouverneur in New York was geweest kon hij in het gehele zuiden en New York al stemmen verwachten. 4) Ten slotte was de afgevaardigde van de Republikeinen; James G. Blaine niet erg geliefd binnen de Republikeinse Partij wat natuurlijk ook in het voordeel van Cleveland werkte.

De eerste termijn

In 1885 werd Grover Cleveland president van de Verenigde Staten. Het was lang geleden dat een Democraat het Witte Huis bewoonde. James Buchanan (de 15e president) was de laatst zittende Democratische president. Cleveland richtte zich vooral op het voorkomen van beslissingen van het Congres die in het eigen belang genomen werden. Ook zette hij efficiëntie hoog op de agenda, hij wilde de federale overheid efficiënter maken door de juiste ambtenaren op de juiste plek te zetten, autoriteit naar hen te delegeren en hen naar advies te vragen bij moeilijke kwesties.

Rasongelijkheid

Tijdens zijn presidentschap was Cleveland duidelijk geen voorstander van gelijkheid; hij was het eens met de inwoners in het Zuiden die weigerden Afro-Amerikanen als sociale en politieke gelijken te behandelen. Ook was hij tegen de gemengde scholen die op dat moment in New York ontstonden. Hij zag de rasongelijkheid als een sociaal probleem; en sociale problemen waren in zijn ogen geen taak voor de regering. Ook merkte hij op dat buitenlandse culturen – met name de Chinese cultuur – zo diep geworteld en anders was dat deze groepen nooit opgenomen zouden worden in de Amerikaanse cultuur. Daarom stelde hij dan ook wetten in die de Chinese immigratie moesten verminderen.

Indianen

Daarnaast stond Cleveland bekend als hervormer van de indianen; hij zag ze als veelbelovende kinderen, die – wanneer geleid door de juiste hand – konden groeien tot modelburgers. Hij zorgde voor educatie, grondbezit en begeleiding voor ouders. Later werd dit gezien als een fataal beleid dat absoluut niet gezorgd heeft voor het verbeteren van de levensstandaard, maar eigenlijk alleen maar grond afnam van de oorspronkelijke bewoners.

Buitenlands beleid

Qua buitenlands beleid was Grover Cleveland er vooral op gericht op territoriale uitbreiding en ingewikkelde allianties tegen te gaan. Een voorbeeld hiervan is de kwestie Samoa. De Verenigde Staten hadden de rechten verkregen om een marinebasis op dit eiland te vestigen, maar Duitsland was ze voor. Cleveland reageerde hier zeer fel op door oorlogsschepen te sturen. Na een kort gevecht werd er een alliantie aangegaan tussen de Verenigde Staten, Duitsland en Groot-Brittannië, iets wat Cleveland absolute onzin vond; hij vond zo’n verdeeld protectoraat maar niets.

Tweede termijn

Tijdens zijn tweede termijn (1893-1897) brak de zwaarste economische crisis tot dan toe uit. In 1894 was maar liefst 18% van de beroepsbevolking werkeloos en de lonen stonden zo ontzettend laag dat het nauwelijks genoeg was om een gezin van eten te voorzien. Het vertrouwen in de economie ontbrak omdat één op de tien banken failliet ging. Cleveland werd tijdens de crisis met scheve ogen aangekeken, omdat hij vele oplossingen niet wilde implementeren. Het plan van Jacob Coxey om door de overheid betaalde projecten voor werklozen op te zetten werd genadeloos afgekraakt. Toen er stakingen uitbraken reageerde Cleveland hierop door het leger in te zetten in plaats van de protesten die uit 150.000 man bestonden serieus te nemen.

De schuld van de crisis lag volgens Cleveland bij de Sherman Silver Purchase Act van 1890, ingevoerd door zijn voorganger Harrison. Door deze wet werd zilver goedkoop en meer geproduceerd, waardoor de prijs van goud enorm toenam. De Verenigde Staten bleven dus met enorme hoeveelheden goud zitten waar ze nog maar weinig aan konden verdienen. De oplossing van de President was het inroepen van vier nieuwe overheidsorganen die de prijs van goud weer op moesten krikken. Op die manier wilde hij ervoor zorgen dat de Verenigde Staten hun internationale obligaties nog kon betalen. Doordat hij de Sherman Silver Purchase Act niet ondersteunde deelde hij de Democratische Partij onbewust in tweeën en verloor hij veel stemmen. Cleveland verliet het Witte Huis in 1897 als een verbitterde, arrogante man die veel vijanden had gemaakt.

Na presidentschap

Impact

Grover Cleveland wordt niet vaak omschreven als een goede president. Zijn carrière kende slechts enkele successen, zoals het creëren van een solide zuiden voor de Democraten. Hiertegenover staat het splitsen van de Democratische Partij; één deel was voor de Sherman Silver Purchase Act en het andere deel was er fel tegen.

Cleveland heeft veel bijgedragen aan de interne structuur van de regering; het uitvoerende orgaan van ambtenaren kreeg veel macht en autonomie. Toch nam Cleveland zelf veel individuele beslissingen, er wordt zelfs gezegd dat er geen andere president is die zijn Vetorecht zo vaak heeft ingezet als Cleveland deed. Zijn manier van regeren leek dan soms ook meer op commanderen dan op leidinggeven; iets wat misschien wel afstamt van het gebrek aan hogere educatie. In zijn ogen was het genoeg eerlijk, onafhankelijk en hard te werken en de Verenigde Staten met een duidelijke, ideologische richting te leiden.