Kodak

Kodak, of Eastman Kodak zoals de volledige naam van Kodak luidt, is een grote Amerikaanse multinational in de fotografie- en filmbranche. Het bedrijf werd in 1881 opgericht door George Eastman, al heette het bedrijf destijds nog Eastman Dry Plate Company. De eerste camera die ze in 1888 op markt bracht had het merk kodak logo Kodak. Deze camera was een dusdanig succes dat het bedrijf verder ging onder de naam Eastman Kodak Company. Ook was Kodak de organisatie die als eerste met digitale fotografie kwam. Helaas zette het bedrijf dit niet goed in de markt en zijn de concurrenten met het idee aan de haal gegaan. Hoe dan ook is Kodak een begrip geworden binnen de fotografiewereld. Dit blijkt bijvoorbeeld uit het bekende ‘kodakmomentje’ en het feit dat onze Vlaamse zuiderburen een fototoestel ook wel een ‘kodak’ noemen.

Geschiedenis van Kodak

In 1881 begon George Eastman met een klein bedrijfje dat de Eastman Dry Plate Company heette. In 1888 bracht hij zijn eerste camera op de markt onder de naam Kodak. Het toestel bleek zo’n succes dat later in dat jaar het hele bedrijf naar deze camera werd vernoemd: Eastman Kodak Company, kortweg Kodak. Eastman vond het van groot belang dat de merknaam kort zou zijn en in verschillende talen makkelijk uit te spreken was. Bovendien zou het op geen enkel ander woord mogen lijken, zodat men bij de naam Kodak direct aan de camera zou moeten denken. Aangezien de letter ‘K’ de favoriete letter van Eastman was, zou dit de beginletter van het merk worden. Er wordt ook wel gezegd dat de naam van David Houston komt, de uitvinder van het filmrolletje. Hij gebruikte vaak de bijnaam ‘Nodak’ om zijn thuisstaat North Dakota aan te duiden. Dit zijn echter suggesties en de verklaring die Kodak zelf geeft is zoals hierboven vermeld.

Het bedrijf ging zich specialiseren in de productie van goedkope camera’s om op korte termijn winsten te kunnen boeken. Dit investeerde ze weer in haar bedrijf. Bijna honderd jaar later, in 1976 was Kodak de grootste binnen de fotografiewereld en was 90% van alle verkochte filmbenodigdheden van Kodak afkomstig. De problemen begonnen echter toen het Japanse merk Fujifilm de markt opkwam. Kodak was ervan overtuigd dat de Amerikanen loyaal zouden blijven aan Kodak en niet op zouden geven, ondanks het feit dat Fujifilm goedkoper was.

De weg naar de Amerikaanse markt kwam voor Fuji open te liggen toen zij de filmrechten van de Olympische Spelen van 1984 in Los Angeles kregen. Destijds was Japan, na de Verenigde Staten, de grootste markt voor fotografie en dus besloot Kodak om ook hier haar producten te gaan verkopen, ondanks de sterke positie van Fuji. In 1995 diende Kodak een bezwaar in bij de Wereldhandelsorganisatie, waarbij ze zei dat het door de oneerlijke manier van handelen van Fujifilm was dat de zaken bij Kodak zo slecht gingen in Japan. Drie jaar later werd dit bezwaar resoluut van de hand gewezen en de geloofwaardigheid van Kodak werd aangetast. In een jaar tijd verloor ze 10% marktaandeel en ook de winst ging drastisch omlaag.

In 1975 ontwierp Kodak de eerste digitale camera. Toch was ze terughoudend met reclame maken voor dit toestel. Het bedrijf was bang dat de digitale camera uiteindelijk de inkomsten van zou verminderen. Er zouden minder foto’s afgedrukt worden en bovendien zouden de filmrolletjes overbodig raken. In 1990 besloot Kodak toch met de nieuwe ontwikkelingen en behoeften van consumenten mee te gaan en digitale camera’s te ontwerpen. Dit ging de eerste paar jaren prima, er was wat interesse voor digitale camera’s, maar de markt was nog niet erg groot. Daarnaast waren de camera’s erg duur en de kwaliteit van de foto’s minder of gelijk aan de ‘ouderwetse’ foto’s. Nadat Sony enkele betaalbare digitale camera’s op de markt bracht, bleek de interesse er toch wel te zijn, en binnen een aantal jaren zou de ‘antieke’ camera nagenoeg verdwijnen. Kodak stond nu echter onderaan de concurrentielader, terwijl het ironisch genoeg het merk was dat het eerst met het idee voor digitale fotografie was gekomen. Kodak krabbelde weer een beetje overeind nadat zij een zeer gebruikersvriendelijk systeem op de markt bracht waarbij het makkelijk was foto’s te bewerken en te delen. Een van de meest initiatiefrijke uitvindingen was het apparaat waarbij je met een geheugenkaartje of een USB-stick direct foto’s uit kon printen. Deze apparaten zie je nu nog wel eens staan in fotowinkels of buitenlandse supermarkten.

George Eastman

Kodak in de eenentwintigste eeuw

In 2005 was Kodak het nummer één merk voor digitale camera’s op de Amerikaanse markt. Wat Kodak echter verkeerd in had geschat was hoe snel en veranderlijk de markt van de digitale camera was. Meer en meer (B-) merken kwamen de markt op, en camera’s waren er in alle prijscategorieën en kwaliteitsklassen te krijgen. In de laatste jaren werd Kodak ingehaald door andere merken zoals Sony, Canon en Nikon. Daarnaast is de opkomst van de smartphone een grote bedreiging voor de digitale camera geweest. Steeds meer mensen nemen foto’s met hun telefoon, en kopen geen digitale camera’s meer. Vanaf dit moment besloot Kodak voor een totaal andere aanpak. Ze ontsloeg ongeveer 27000 mensen en richtte zich voornamelijk op de digitalisering van de camera en de afdrukkwaliteit van de bestelde foto’s. Er was nogal wat kritiek binnen de fotografiewereld over het eventuele succes van Kodak. Meer en meer mensen drukken de foto’s op de eigen printer af, en zullen in de toekomst dus geen gebruik meer maken van de afdrukservice van de fotomerken, zoals Kodak. Deze critici bleken het bij het rechte eind te hebben, en in 2011 kwam het bedrijf echt in de problemen en zat ze tegen een faillissement aan. Ze verkocht een groot gedeelte van haar aandelen aan de Citybank en is de komende jaren bezig met een groot reorganisatieplan.

Digitale camera van Kodak

Bijzonderheden

Aan het begin van deze eeuw heeft Kodak een grootschalig marktonderzoek gedaan om te kijken wat de wensen van de consument zijn. Hieruit bleek onder andere dat vooral vrouwen het leuk vinden om digitale foto’s te nemen, maar dat ze het een drama vinden om deze om de computer over te zetten, laat staan zich te storten op de digitale bewerking ervan. Dit was de reden dat Kodak op de markt kwam met een makkelijk te bedienen bewerkingssysteem en het ‘direct-klaar’-apparaat waarbij je de foto’s direct in de winkel kon laten afdrukken en je ze dus niet op de computer hoefde te zetten.

De eerste compacte camera werd in 1895 geproduceerd. Deze was zo gemaakt dat je hem in de zak van je jas kon stoppen. Deze camera kostte destijds 5 dollar. De eerste digitale camera uit 1986 had 1,6 megapixels, tegenwoordig heeft een standaard digitale camera meer dan 10 megapixels. Vanaf 2004 maakte Kodak geen ‘ouderwetse’ camera’s meer en alleen nog maar digitale.

Kodak is jarenlang bekritiseerd omdat zij de meest vervuilende organisatie van de Verenigde Staten zou zijn. Vooral bij het ontwikkelen van de foto’s worden veel chemicaliën gebruikt, en deze zou Kodak vaak in de vrije natuur dumpen. De laatste decennia is ook de klant veel oplettender geworden, en kan de winst van een bedrijf dalen als deze schadelijke dingen doet voor het milieu. Kodak is daarom de laatste jaren zorgvuldiger met het milieu omgesprongen.

De Instamatic